zaterdag 22 februari 2025

Inspiratie en een waterscooter…..

Als wij naar Zeeland gaan, dan genieten we elke keer van de mooie waterwerken. We richten ons ritje dan zo in, dat we zeker over de Oosterscheldekering komen of over de  Zeelandbrug. Een staaltje van kunnen van ons Nederlanders. Een of twee keer per jaar gaan we ook naar Zeeuws Vlaanderen. Dan rijden we door de Westerscheldetunnel van 6600 meter op weg naar Hulst en ook wel eens richting Brugge of Gent. Die tunnel is sinds 30 december vorig jaar tolvrij voor personenauto’s. Daarvoor betaalde je per keer 5 euro. Dinsdag merkten wij dat het inderdaad zo is, al klappen nog voor elke auto de slagbomen open en weer dicht. Vrachtverkeer betaalt nog wel tol.

Inspiratie

José wilde graag wat inspiratie opdoen bij Morres in Hulst en kijken of er een mooi salontafeltje te vinden was. Die inspiratie lukte, maar het tafeltje niet. Ze loopt dan graag door de winkel. Vorige jaren liep ik altijd mee door de hele winkel. Nu voorkom ik oververmoeidheid liever en dat betekent, dat we een rolstoel pakken bij Morres. José rijdt me dan. Ik moet zeggen, dat het geen doorslaand succes is, dat zitten in zo’n rolstoel. Ik heb lange benen en wil ook graag mijn twee krukken meenemen. Uiteraard is er wel een tussenstop in het restaurantje. Koffie voor José en ik koos dit keer voor lekkere koele, verse sinaasappelsap; gemaakt terwijl u wacht.

Voor ons gaat het bij zo’n ritje niet in eerste instantie om de winkel, maar het leukste vinden wij het ritje zelf. Gezellig praten, op ons gemak rijden en genieten, al vinden wij het vlakke Zeeuwse land nu niet zo direct aantrekkelijk; al kan je wel ver kijken. Enkele jaren geleden reden we vaak via Antwerpen terug, maar dat zijn we afgeleerd.  Het is al jaren een rotzooitje op de weg daar. Steeds wegwerkzaamheden en files. De Liefkenshoektunnel hebben we dus niet meer gezien, ook dit keer niet. Ook Doel niet met zijn kerncentrale en dat geldt ook voor het toch wel smerige Antwerpse havengebied met onder meer het dorpje Lillo. Dus gewoon weer terug door die lange tunnel en dan via Bergen op Zoom weer naar huis. Verder valt er over de afgelopen week niet veel te zeggen, ondanks het goede weer. Het is echt nog te koud voor op de scootmobiel. Je zit er immers noodgedwongen stil. Over een paar weken wordt het zonder twijfel weer warmer en steekt veel jong groen de nek uit om aan te kondigen dat het lente is. Daar wachten we dan maar op.

En wat staat ons te wachten: zondag is zoon Pieter jarig en maandag komen de jongens tussen de middag dit keer een hamburgertje-met-blaadje-sla eten bij oma. Je weet dat ze om de beurt mogen kiezen. Ik haal ze op en breng ze weer naar school. Daar zal weinig geleerd worden komende week, want de voorbereidingen voor het carnaval zijn in volle gang. Het is vrijdag vakantie, denk ik  

Gek, op internet wordt de voorjaarsvakantie voor de regio zuid vermeld van 22 februari tot 2 maart. Ze lijden daar nog aan de gevolgen van de winterslaap, denk ik, want het carnaval begint toch echt pas komende vrijdag en duurt tot aswoensdag en dat is woensdag 5 maart. De kinderen hebben na vrijdag de hele volgende week voorjaarsvakantie. Ze noemen het zelf liever carnavalsvakantie. Veel mensen zullen een askruisje aswoensdag niet meer halen. Dat lijkt behoorlijk uit de tijd. Vroeger rookten de pastoors grote dikke sigaren. Ik vraag me af of ze de as daarvan een jaar lang opspaarden voor het askruisje. Of werden daar oude palmtakjes voor opgestookt…

Op het water

Ik kwam bij het ordenen van het familiearchief een aardige herinnering tegen in de vorm van een foto van José op een snelle waterscooter op de Atlantische oceaan bij Lanzarote. We waren er enkele jaren geleden op vakantie. Boekten er een tochtje in een onderzeeër voor een tochtje onder water en een op het water op een grote catamaran. Bij die laatste kon je mee op een waterscooter, botsend over de golven. José durfde dat wel.  Ze gingen erg ver, zodat ze bijna uit het zicht waren, maar kwamen gelukkig ook weer terug om José, die in het midden zat, met een flinke bocht weer bij de boot af te leveren. Een ervaring rijker. 

(Bron: familiearchief f. van son).  


 

zaterdag 15 februari 2025

Ja, je moet wat....

Afgelopen week beperkten we onze uitstapjes tot vrijwel elke dag een klein ritje in de omgeving. Het wordt steeds ingewikkelder om weggetjes te vinden, die José en ik nog niet hebben bereden. We zijn niet zulke snelwegliefhebbers,  natuurlijk wel voor langere stukken. We hebben zo een aantal vaste korte routes. Bij voorbeeld als we gaan tanken. Het eerste tankstation in ons dorp, dat we gisteren tegenkwamen, deed ons schrikkien: 2 euro 2 per liter. Ik tank nog steeds voor 1 euro en 55 cent per liter.

Een van onze tochtjes die we in de afgelopen weken niet hebben gemaakt, is dat via de Biesbosch bij Hank naar de Noordwaard, de Biesbosch in Werkendam. Er gaat dan een thermoskan thee mee en gisteren had José ook bij de bakker voor elk een timp gekocht. Voor tussen de middag. Elke vrijdagochtend hebben we hetzelfde ritueel: eerste aankleden en op de hometrainer en dan de artikelen en foto’s voor mijn pagina in De Langstraat in orde maken en uploaden. Ik had de hele week al gewerkt, want er was geen zon en het was vochtig weer en dan is lekker een tochtje maken nu niet direct mijn hobby. Ik weet dat ik niet goed kan omgaan met somber, donker weer. Dat sluit ik dan het liefste buiten. Gisteren was er in de loop van de ochtend wel zon, dus gingen we ons Biesboschritje weer maar eens maken. Ik heb ook een paar fotootjes gemaakt. De ruiten van de auto gaan dan even open, maar soms fotografeer ik ook vanuit de auto. Het is nog te koud om lekker op een bankje te gaan zitten genieten. Dat duurt nog een aantal weken. Maar het is daar zo heerlijk rustig en je kan er genieten van de vele dieren. We rijden met een slakkengangetje en dat is met onze hybride-auto voor een deel dus zonder dat we benzine gebruiken. We troffen dit keer op onze heenweg liefst 7 reeën, die zich over het kale akkerland uit de voeten maakten. Uiteraard waren er ook die vele soorten watervogels en hier en daar clubjes zwanen. Zouden die al terug zijn, of moeten ze nog op weg naar het zuiden? We blijven altijd op hetzelfde plekje een halfuurtje staan voor de warme thee met timp of worstenbroodje.

De temperaturen gaan weer stijgen, zo hoorde ik. Mij best, als de zon maar schijnt, want het lijkt erop, alsof de donkere dagen voor kerst, verplaatst zijn naar afgelopen weken. Jammer dat er bij ons geen sneeuw viel, zoals in het noorden. Het zou zo leuk zijn geweest voor onze kleinkinderen.

Carnaval

Het carnaval komt met rasse schreden dichterbij. De voorbereidingen zijn al in volle gang, zo heb ik van sommige kleinzonen begrepen. Ze weten wie of wat zij met carnaval zijn en ook op school wordt de optocht al voorbereid. In het noorden heet het voorjaarsvakantie, en dat is nu! Bij ons noemen veel mensen het carnavalsvakantie. Ik hou me tegenwoordig niet met carnaval bezig. Ik kan geen stap meer lopen zonder mijn twee krukken. Ik blijf dus thuis en ga ook niet kijken naar de meestal prachtige optocht in Raamsdonk, of moet ik zeggen ‘d’n Haykaant’. Jammer eigenlijk. Vroeger togen wij met de kinderen na de optocht in Oisterwijk naar Oosterhout en Breda om daar de carnavalsoptocht te bekijken. Soms was het zo koud, dat de kleintjes het liefste naar huis gingen. Toen ik nog veel jonger was en wij in Oosterhout woonden, was ik eens jurylid bij het sauwelen. Ik was toen dagbladjournalist. We praten dan over het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw. Een leuke tijd.

(Bron: familiearchief f. van son)




 

zaterdag 8 februari 2025

Een heel leven geleden…

Afgelopen dinsdag was het weer 4 februari. De dag waarop ik mijn vader verloor in 1972. Nu 53 jaar geleden. Op een jaar na net zo oud als mijn vader toen was. Nog altijd een open wond voor mij, die vierde februari. Collega’s vonden hem toen rond half twaalf zittend tegen een muurtje in een loods. Hij was toen al overleden aan ‘een kransslagaderbreuk’, zoals ze dat toen noemden. Hij was pas 54. Ik -de oudste in het gezin- was nog 20. Ons leven veranderde als een donderslag bij heldere hemel.

Herinnering

Ik schreef vorige week in het weekendbericht, dat ik dit keer weer even in mijn familiegeschiedenis zou duiken. Wat was mijn vader voor een man. Ik moet daarvoor terug in mijn herinnering, want ik kan het niemand meer vragen, mijn moeder overleed in 2015, mijn broer Marco, in 2023 en mijn zusjes Lieke en  Marianne,  respectievelijk op 5 oktober 1978 en 10 april 2008.

 

Boosheid

Zijn overlijden kan dan wel 53 jaar geleden zijn, zo jong als hij was, toen hij plotseling stierf, maar die dag is nog steeds strak in mijn herinnering. Ik zat toen op school in Tilburg. Op het Mollerinstituut van de nieuwe leergangen; je zou dat als voorloper van Fontys kunnen zien.  Ik studeerde er Nederlands en Geschiedenis M.O. Dagelijks met de trein naar Tilburg, nadat ik mijn fiets had gestald in een stalling aan de Spoorstraat in Breda. Ik was zo rond een uur of twee thuis die dag en vond er een briefje op tafel. Mijn moeder was er niet en dat was vreemd.

“Papa is niet goed geworden”, zo had mijn moeder geschreven. Ik verstijfde. Mijn vader was iets overkomen. Wij hadden nog geen telefoon, daarvoor moest ik naar mijn vriend John Jacobs, op de hoek van de straat. De kleine bazar heette het winkeltje van zijn ouders. Ik ging daar naar toe en belde er een zus van mijn moeder, waar zij naar toe ging als er iets te melden was of als ze dat nodig had. Daar was mama. Mijn tante vroeg me om langs te komen. Dat deed ik onmiddellijk. Daar aangekomen deed mama de deur open. ”we moeten het voortaan samen alleen doen”, waren haar eerste woorden. Toen wist ik al genoeg. Ik werd bijgepraat en voelde steeds meer boosheid en een doof gevoel bij mij opkomen. Waarom mijn vader, waarom hij. De boosheid bleef lang. We moesten alleen verder. Ik stopte met de studie en ging werken. Eerst als medewerker bij het katholiek instituut voor maatschappelijk welzijn in de dokter van Mierlostraat. Maar dat vond ik een hel. De teksten die ik moest uittypen rammelden aan alle kanten en de Nederlandse taal wel veel geweld aangedaan. Ik wilde zelf schrijven en werd correspondent van de stadsredactie van Dagblad De Stem. Toen nog een regionale krant bij overtuiging. Maar terug naar mijn vader.

Rustig 

Mijn vader was een rustige man die graag op de achtergrond bleef. Een man van weinig woorden, maar als hij iets zei, dan was het raak. Hij had humor; was een harde werker en een prima vader. Een heel sportieve vader ook. Hij heeft zelf gevoetbald onder meer bij NAC. Een vond nog een elftalfoto uit 1936. Hij staat tweede van links. De foto is later ingekleurd. Ons Pa ging vaak naar thuiswedstrijden van NAC. Ik ging met hem mee. Stil stond hij dan op de staantribune in het oude stadion aan de Beatrixstraat het spel te volgen en meestal zorgde hij ervoor, dat ik een plaatsje vond op het bankje dat net buiten het hek om het veld stond. Als mijn broer en zusjes en mijn moeder bij ons in de achtertuin zaten, dan kon je aan het gejuich horen of NAC, of de tegenstander had gescoord. Later had mijn Pa het meeste plezier bij het volgen van de voetbalwedstrijden op zondagmiddag met mijn draagbare Clarville Radio aan zijn oor. Maar het was niet enkel voetballen. Zowel op de radio, als toen we eenmaal tv hadden, volgde hij het schaatsen (schreef zelfs de rondetijden mee), wielrennen, atletiek en alle mogelijke andere sporten. Dat was zijn lust en zijn leven. Maar dat ging niet ten kosten van ons gezin. We fietsten met het hele gezin naar van alles en nog was en niet enkel naar wielerwedstrijden op zondag, zoals bij voorbeeld  Hart van Gilze, Bavels Spektakel, Ronde van de Molen en andere criteriums. Ik heb mijn Pa twee keer een groot plezier kunnen doen. Ik kocht van mijn eigen geld tickets voor pa en mij voor een busreis bij De Pelikaan naar de wereldkampioenschappen wielrennen in Zolder-Terlaemen in België en bij Heerlen-Terwinselen. We genoten. Ik kan me nog herinneren dat het verschrikkelijk warm was in Zolder. De kranten plakten aan het asfalt. De drank was in de loop van de dag op en er werd voor liefst een gulden een glas water verkocht.

Bij mijn onderzoek naar wat mijn pa meemaakte, kwam ook de oorlog voorbij. Hij viel eens in een put bij het Capelse Veer, waar zij de Duitsers probeerden tegen te houden. Hij heeft er de rest van zijn leven toch af en toe last van gehouden. Ook moest hij in kamp Vught landverraders bewaken. Mijn vader zelf sprak nooit over de oorlog en wij vroegen hem dus ook niets.

Veel te vroeg 

Ik verloor mijn vader veel te vroeg. Maar daar wordt niet om gevraagd. Ik denk vaak aan hem terug en vraag me dan af hoe hij bepaalde dingen zou hebben opgelost. Elk jaar op 4 februari en op zijn geboortedag 26 oktober sta ik extra stil bij mijn vader. Ik kon en kan hem niet missen, geen dag. Ik had hem nog zo veel willen vragen; nog zo veel met hem willen doen. Mijn vrouw José en geen van onze kinderen hebben opa gekend. Dat vind ik jammer. Ook zij hadden de kans moeten hebben zo’n fijne man te kennen, die zeker een fijne opa zou zijn geweest. Daarvan ben ik overtuigd. Hoe ouder ik wordt, hoe meer ik op hem probeer te lijken. Maar dat valt niet mee. Die rust zit er bij mij veel te weinig in helaas.

We hebben dinsdag een ritje gemaakt naar zee. Dat doen we graag, als we het nodig hebben en willen uitwaaien en even niets aan ons hoofd willen hebben. Het was somber weer die dinsdag.

(Bron: familiearchief f. van son) 



 

 

 

 

zaterdag 1 februari 2025

Over kibbeling en kroketten…

Eigenlijk was het een doorsneeweekje. De jongens kwamen maandag tussen de middag eten en er was kibbeling gekozen. Echte visliefhebbers zijn het. José en ik waren speciaal daarvoor naar de zeevishandel gegaan uit Tholen. Die staat meestal zaterdags bij Willemstad. We maakten er een gezellig ritje van: thermoskan thee mee en een rustige weg heen en terug.

Klimmen

Op woensdag kwam Luuk weer. We vinden het dan vaak leuk om naar Monkey Town te gaan in Waalwijk. Emma was thuis en vond het leuk om mee te gaan om met haar kleine neefje te spelen. Zij, maar ook Luuk en wij hadden een leuke dag. Luuk klautert dat het een lieve lust was. Emma speelde met hem en soms zat ze ook even bij ons om haar mobieltje te checken. Tussen de middag hebben we een kleinigheidje gegeten in Waalwijk en ’s avonds at Emma bij ons, voordat we haar weer naar huis brachten.

Rundvlees

We hadden een pak rundvleeskroketten gekocht. Grootverpakking stond er op. Er stond op dat het er twaalf waren. Maar dat bleek niet helemaal waar. José telde er maar negen, toen zij het pak open maakte. Toen we donderdag zelf gemaakte verse friet aten, hebben we er een paar van gebruikt. Ik moet zeggen, dat ik ze best lekker vond. Maar toch…..

Schoon!

Het was hard nodig. De auto zag eruit. Het was ook al even geleden, dat we hem lieten wassen. Nu, op vrijdag van binnen en van buiten een uitgebreide beurt voor de auto. Hij ziet er nu weer uit als nieuw. Het was goed, dat we de tijd tegenwoordig meestal aan ons zelf hebben. Er was een wachttijd van liefst een uur. Maar ik wil niet dat José het doet, want dan heeft ze extra veel last van haar arm. Als ze iets teveel daarmee doet, of tilt, dan voelt ze dat dagen erna nog. ’s Nachts houdt die arm haar vaak zelfs uit de slaap.

Geen tijd

Ik heb deze week geen tijd gehad om aan mijn hobby genealogie te werken. Er liggen nog een aantal ongeopende mailtjes te wachten en ik moet de laatste check nog doen voor mijn familieverhaal. Meer dan 500 bladzijden. Dus dat is een heel werk. Ik kwam er niet aan toe. Het maken van mijn pagina in het weekblad kostte me deze week erg veel tijd. Er kwamen ook wat nieuwtjes bij, zodat ik weer moest gaan herverdelen over de pagina en hier en daar inkorten.

Cas

Gistermiddag kwam Cas ons verrassen. Hij bracht ins een bezoekje en bracht een paar levensmiddelen mee, die hij thuis uit een speciaal pakket had gehaald, uiteraard met toestemming van zijn moeder. Hij kwam gezellig op visite. Thee drinken en wat praten over wat hem bezighoudt en natuurlijk even ongestoord in zijn eentje spelen. Tot half vijf, want Cas is erg punktueel. Hij weet wanneer het tijd is.

Weekend

Het is nu weekend. Ik hoop de tijd te kunnen vinden om wat wedstrijden van het WK Veldrijden in Liévin op TV te bekijken. Het wegseizoen is in australië en in de zandbak al van start gegaan. Maar ik wacht tot Milaan-San Remo en de Vlaamse klassiekers op het programma staan. Meestal zijn we na onze boodschappen of ritjes zo rond een uur of drie weer huis, tijd voldoende om de laatste 40 kilometer te volgen, of terug te kijken. En dat is meer dan genoeg. Ik ga niet een hele dag voor het scherm liggen.

Kortom, niks bijzonders deze week. Misschien dat ik volgende week weer eens in mijn familiegeschiedenis kan duiken voor een aardig verhaaltje. (Bron: familiearchief f. van son).




 

zaterdag 25 januari 2025

Voorleesoma bij Flamingo's

Ik mocht je vorige week nog wel bijpraten over de peuterspeelzaal ‘De Boerderij’ van José toen wij in Oisterwijk woonden. Deze week, met name op dinsdag en woensdag leek het of ze weer terug in de tijd ging. Dinsdag mocht José voorleesoma spelen bij de Flamingo’s, dat is de groep war jongste kleinzoon Luuk op zit. Hij was een partij trots en mocht zelfs naast zijn oma gaan zitten tijdens het voorlezen. Oma had zelf de boekjes meegebracht: nu niet Hendrik, over het monster en de Gruffalo. Ademloos waren de kleintjes en na afloop ging een aantal een knuffel geven aan oma José. Ik zat acht op een stoel en ook mij vielen enkele knuffels ten deel. Ik heb een paar foto’s gemaakt, maar wel zo, dat er geen andere kinderen herkenbaar opstaan. Tegenwoordig moet je uitkijken. Ik heb ook nog een stukje uit het verslag van de Juf gekopieerd. Luuk wil mij achterna kennelijk. Op woensdag was Luuk de hele dag bij ons. We gingen naar Monkey town in Waalwijk, maar Luuk was af en toe flink tegendraads en bozig. Hij zit in de peuterpubertijd, denken we dan maar. Maar toen er meer kindjes kwamen op woensdagmiddag, konden we Luuk bijna niet meer vinden in de kliminstallatie. Toen was meneertje weer in zijn element.

Tim

Ja. Natuurlijk moet ik ook nog even op onze nieuwe wereldburger Tim van Son terugkomen. Je hebt het kaartje immers nog niet gezien van onze Tim, de zoon van Stefan en Alicia. Bij deze dus en ja, vader, moeder en zoon maken het uitstekend. Hollands welvaren! Trotse Oma Dineke heeft er weer een kleinzoon bij.

Opklimmen

We zijn weer aardig uit het dal aan het opklimmen en dat terwijl de griepepidemie de ziekenhuizen vult. Overigens daarbij ook nog eens diverse bacteriën en virussen, die opgeld doen. Ik hoop er allemaal van verschoond te blijven, want mijn afweer is echt niet wat hij zou moeten zijn. Voorzichtigheid blijkt dus geboden.

(Bron: familiearchief f. van son).

 







 

zaterdag 18 januari 2025

De boerderij van José…en boten.

Dit weekendbericht staat voor een groot deel José, -nu al ruim 50 jaar mijn vrouw,- in de schijnwerper. José had jarenlang een door haar zelf opgerichte, particuliere peuterspeelzaal, zonder subsidie, toen wij in Oisterwijk woonden. Die peuterspeelzaal, ‘de Boerderij’, was gevestigd in de boerderij van Jan Verhoeven, aan de Kerkhovensestraat, aanvankelijk op de zolder, later in een deel van de begane grond. De peuterspeelzaal was erg geliefd en liep als een trein. Heel veel Oisterwijkse kinderen hebben die peuterspeelzaal met plezier bezocht. Het was er ook fantastisch, ouderwets gezellig en de kinderen hadden ook een afgesloten ‘buitenboel’, zoals José en de leidsters die bij haar in dienst waren, het noemden. Die buitenboel, waarvan nog een leuke foto bewaard bleef, was een mogelijkheid om achter de heggen en het hek van de tuin, superveilig buiten te spelen. José had driewielertjes, stepjes, kinderwagentjes, grote en kleine auto’s, poppen en trekkarren en heel veel ander speelgoed voor binnen en buiten; jongens- en meisjesspeelgoed, want dat was toen nog normaal. De fijne peuterspeelzaal hield tot verdriet van veel ouders en kinderen en ook van José en mij op te bestaan, toen een van de dochters van Jan en An Verhoeven, zelf, samen met haar man de ruimte in de boerderij nodig hadden. Jan en ook An zijn inmiddels overleden. Elders ruimte krijgen in Oisterwijk was toen vrijwel ondoenlijk, ook financieel gezien. De grote Stichting voor peuterspeelzalen zag met enig leedvermaak de vreemde eend in de bijt verdwijnen. Jammer. José heeft toen ook in een sportcentrum nog kinderopvang opgezet, voor tijdens het sporten van de ouders, maar dat werd niet echt een doorslaand succes. Veel speelgoed bleef er helaas achter. Maar niet alles. Er is toch nog een erfenis uit die tijd mee naar Raamsdonksveer gekomen: bergen speelgoed, waarvan onze kleinkinderen nu nog altijd plezier hebben. José kocht zo nu en dan uiteraard wat moderner speelgoed bij. En daarnaast…. Als er voor kinderen gezorgd moest worden, dan was José de allerbeste oplossing. Dat vond en vind niet alleen ik. We worden nu echt een dagje ouder. Dan blijkt een hele dag voor kleinkinderen zorgen, toch een hele klus. Vooral voor José, want ik kan momenteel weinig anders helpen, dan tegen de kleinkinderen lachen, het klaargemaakte namaak-eten bestellen en daarn, als ze uit het keukentje kommen, in diverse schaaltjes en potjes, tot plezier van de kleinste, smakelijk ‘verorberen’. Soms doe ik ook wel eens een spelletje aan tafel. Maar veel bouwen met de bambinosteentjes, zoals ik vroeger met onze kinderen deed, van hele vliegdekschepen, huizen of kastelen of met lego nu, zit er helaas niet meer in. De energie ontbreekt nu eenmaal. Maar de kleintjes begrijpen dat gelukkig. En….. ze kunnen goed zelf spelen. Speelgoed genoeg. Wie wat bewaart, die heeft wat.

Boten en meer...

Normaal gesproken, nemen wij er de flauwe bocht naar links. Dit keer gingen we naar rechts. Nog niet eerder gedaan. Het was de moeite waard. Behoorlijk wat bedrijvigheid daar en ik maakte er dan ook gebruik van om een paar plaatjes te schieten. Want wat ik zag, dat had ik echt daar niet verwacht. Als ik door was gereden op een smal weggetje, dan was ik op een plek beland, waar je de auto op een schip kan hijsen. Ik ben achteruit teruggereden. Het was me wat al te smal daar met water aan beide kanten. Erg koud dat water, denk ik. Vooral zo medio januari…

Biesboschmist

We waren deze week ook in de Biesbosch. Ondanks de mist. Normaal kan je er ver kijken, helaas was het wereldje ook daar een stuk kleiner. Maar ook dan blijft het genieten. Wel van achter glas in een behaaglijk warme auto. Thermoskan thee mee en een worstenbroodje. Altijd gezellig samen met José. Normaal eten en drinken we dat op een bankje en genieten van de heerlijke rust en verder van, ja van wat eigenlijk. Zijn het roerdompen of meerkoeten of misschien, waterhoen. Ze zijn zwart met witte snavel en fourageren aanhoudend. Ik heb bij biologie kennelijk toch te weinig opgelet. Maar ja, het was dan ook geen hoofdvak waarmee ik door wilde. (Bron: familiearchief F. van Son).

 









zaterdag 11 januari 2025

Verrast en speurwerk....

Donderdag stond een controlebezoek op het programma bij de cardioloog. Met positief resultaat, mag ik wel zeggen. De hartwaarden verrasten zelfs mijn cardioloog. Het waren de beste waarden van de afgelopen anderhalf jaar, zo liet zij mij weten. Ook de situatie van mijn enige overgebleven nier was stabiel gebleven. En dat ik zo moe ben en zonder energie en bijna niets meer kan, dat hoort er ‘gewoon’ bij. Ik dank dat toch wel positieve beeld aan de uitgebalanceerde medicatie, de niet aflatende zorg door José, ons afgewogen eet- en drinkpatroon, het goed luisteren naar mijn lichaam en ook mijn rotsvast vertrouwen in mijn steun en toeverlaat, die niet op onze aarde is. We gaan door!

Familieonderzoek

Deze week in dit weekendbericht weer eens even aandacht voor de amateurgenealogen, zoals ik. Sinds 1982 speur ik al naar de geschiedenis en leefwijze van mijn voorouders. Samen met José zoek ik ook elke keer de plaatsen op, waar mijn voorouders een rol speelden. Dat deed ik bij voorbeeld in Florennes, in Marbais in zuid België, in Landen, waar ik opgravingen fotografeerde, in de abdij van Tongerlo en op nog heel veel meer plaatsen en in gehuchten vooral in zuid-België, waar het lijkt, dat de tijd is blijven stilstaan. Vaak vond ik het een en ander terug waar mijn voorouders een rol speelden, zoals de oude Gengulphuskerk in Florennes en het kasteel daar. In mijn herinnering waren er heel veel zuilen in de kerk daar, maar ik kan de foto’s helaas niet meer terugvinden van die mysterieuze kerk. Of bij Marbais, waar José en ik een hele dag nodig hadden om de overweldigende ruïne van de abdij van Villers te bezoeken. We maakten foto’s en legden zo de geschiedenis van onze familie vast voor onszelf en ons nageslacht. Maar daar ging heel wat zoek- en leeswerk aan vooraf in teksten en bronnen in diverse talen.

Florennes

Wij waren bij voorbeeld in Florennes omdat Arnulf van Florennes en Ermentrude van Ardennen samen een van onze voorouderparen vormen. Soms heten ze in bronnen anders om het ‘gemakkelijker’ te maken….. Arnulf of Aernhout van [Rumigny]-Florennes en zijn vrouw Ermentrude van Ardennen of ‘Van Verdun’, of zelfs ‘van Luxemburg’, want ook zo kom ik haar in bronnen ook tegen. Want bronnen zijn tijdens mijn onderzoek altijd nodig geweest. Arnulf werd geboren voor 954. Die Arnulf is de zoon van een Alpaidis: de 'Miraculis Sancti Gengulfi' noemt "Arnulfus, Alpaidis et Godefridi Hainoensis pagi comitis filius". Ook wordt vermeld, dat hij heer van Florennes was. De ‘Gesta Episcoporum Leodiensium’ praat over "Arnulfum nobilem de Rumiaco. Alpaidis et Godefridi filius". Ook wordt daar vermeld, dat hij de kerk van Sint Gengulf in Florennes stichtte. Ook in de kroniek van Alberic de Trois-Fontaines wordt geschreven, dat Arnulf als "Arnulfum nobilem de Ruminiaceo, Alpaidis et Godefridi filius" de kerk van Sint Gengulf in Florennes stichtte in 1002. ”Arnoul Ier est le fils d'Alpaïde et du comes Godefroid, comte en Hainaut.  Niet de graaf ván, maar ín Henegouwen dus.  Die kerk hebben we ook bezocht uiteraard. De vrouw van Arnulf van Florennes,  Ermentrudis van Ardennen (van Verdun) was één van de kinderen van Godfried ‘de gevangene’ (‘Godefridi Ardennensis’), de graaf van Bidgau, Methingau en Verdun, die ook de Marken Ename en Antwerpen in bezit had. De moeder van Ermentrude moet Ermentrude van Zutphen zijn, dochter van Everhard . Godfrieds tweede vrouw Mathilde Billung van Saksen voedde Ermentrude als stiefdochter op. Godfried zelf stierf in 1002. Volgens onderzoeker Hein H. Jongbloed heette zijn eerste vrouw in plaats van Ermentrude, Averarda van Zutphen. Hij schrijft: "J'ai proposé d'identifier la première épouse de Godefroid le Captif avec la comtesse Averarda que commémore le nécrologe de Saint-Vanne de Verdun et au sujet de laquelle aucune identi-fication n'avait été proposée". Volgens prof. Dr. J.M. van Winter werd de moeder van Ermentrude mogelijk niet in Florennes herdacht, omdat zij samen met haar naamloze zoontje in het kraambed samen is gestorven en niemand zich haar nog herinnerde. Maar volgens haar zou ze wel degelijk Ermentrude (van Zutphen) hebben geheten. De vader van Ermentrudis hertrouwde al vrij snel na haar dood met Mathilde Billung [van Saksen], die weduwe geworden was van Boudewijn III ‘den Jonghen’ van Vlaanderen. Ermentrude werd door haar stiefmoeder Mathilde van Saksen opgevoed. Die werd wel in Florennes herdacht en wel op 25 mei.  Haar vader en stiefmoeder zijn ingeschreven in het necrologium, (dodenboek) van het klooster Johannes de Doper in Florennes: op 5 mei 'mathildis comitissa en 4 september ‘Godefridi comes.'  Bij de onderzoeker Roland vinden we ook de naam van de vrouw van Arnulf “Ermentrude, fille de Godefroid ‘le Captif et Mathilde de Saxe."  Maar hij meldt niet aan welke bron hij dat ontleent . Hij meldt ook "Arnoul seigneur de Florennes reçut en bénéfice du comte Herman son beau-frère l'abbaye d'Hautmont", maar ook hier zonder bron. Zijn woordkeuze lijkt te suggereren dat het document de familieband tussen beide partijen aangeeft.  In het martyrologium van de kerk van Kamerijk wordt 7 maart het overlijden van Ermentrude herdacht: "Ermentrudi ma[ter] ep[iscopie] Gerardus". (Ermentrudis, moeder van bisschop Gerard ).  Dat was zij. Ook dat heb ik uitgezocht en uiteraard met bronnen bewezen.

 (Bron: familiearchief f. van son, foto’s uit eigen bezit).