Ik heb kennelijk weer bijgetekend. Na het controlebezoek aan mijn cardioloog en een electrocardiogram, bloedonderzoek en bloeddrukmeting kwamen José en ik donderdag bij het Amphia weer blij en toch weer verrast buiten. Ze was tevreden. De kwaliteit van mijn hart was zo ongeveer gelijk aan de situatie van een jaar geleden, alleen het bloedbeeld was iets minder, maar dat kan ook volgens de cardioloog liggen aan het feit, dat ik in de afgelopen weken toch wat ziekte-ellende heb gehad. Zoals een behoorlijke virusaanval en ritmestoornissen, een verkoudheid en algeheel malaisegevoel deden me enkele keren al om zes uur ’s avonds mijn bed opzoeken. Zoals ik me nu voel, kan ik er weer even tegen. Dat moet ook wel, want er is veel te doen. Aan hard werken is nog zelden iemand dood gegaan. ‘Ledigheid is des duivels oorkussen’, zo riep mijn oma al.
Verrast
Maar eerlijk gezegd zijn we toch weer verrast. Ik zit immers
al geruime tijd in de extra tijd, sinds ik op 23 juni 2023 te horen kreeg dat
ik nog maximaal een jaar te leven had….. Ik ben een vechter. Niet dat elke dag
even lekker verloopt en aan het begin van de avond moet ik toch weer even
bijtanken. Voldoende rust nemen, goed eten en drinken, een uitstekende
verzorging door José, die mij ondanks haar eigen medische problemen toch steeds
met raad, maar vooral daad terzijde staat. En ik blijf me vasthouden aan iemand
die me nog nooit in de steek heeft gelaten en op wie ik nog steeds een rotsvast
vertrouwen heb.
Je moet er ook zelf iets aan doen. Zo blijf ik voorzichtig en uit de buurt van
grote groepen mensen zo ver dat kan. Als de fysiotherapeut verkouden is, krijg
ik een belletje of ik liever misschien een keertje oversla. Ik zit elke ochtend
op de hometrainer, -van veel beweeg ik niet, om dat het niet kan-, ik heb er de
energie en kracht niet voor. Toch loop ik in het ziekenhuis de lange gang heen
en terug, ga mee de winkels in met José om samen boodschappen te doen en draai
ik niet om, als ik mijn auto niet ergens voor de deur kan parkeren. Een
regelmatig leven houdt mij op de been, denk ik.
Gewoon door
Het leven gaat intussen gewoon door. Op maandag komen de
jongens weer tussen de middag eten. Maandag had Youri snacks gekozen en komende
maandag staat op verzoek van Cas tosti op het programma. José werd woensdag
weer gewoon opgehaald om naar de schilderclub te gaan. Ze was wel vroeger thuis
dan normaal, want er waren maar een paar schildervrienden en vriendinnen niet
gekomen, kon ik uit haar reactie opmaken. Donderdagavond ging ik naar het begin
van de vorming van een nieuw College in mijn gemeente en gisteren maakte ik
weer mijn wekelijkse pagina in ons weekblad. Je mag best weten dat ik blij ben,
dat ik er nog altijd bij mag zijn.
Met de dingen die ik zelf niet kan veranderen, heb ik
tegenwoordig makkelijker vrede. Zo zie ik NAC gewoon degraderen omdat ze het
sinds begin seizoen al vertikken om een scorende spits aan te trekken; zo ben
ik niet zo geërgerd als vroeger, als het regent en ik er met de scootmobiel
door moet. Ga dan met de auto, zou je zeggen. Maar door mijn uiterst geringe
mobiliteit ben ik net zo nat, omdat ik tergend lang erover doe om uit de auto
te stappen en met mijn twee krukken naar een gebouw te lopen. Ik berust er dus
maar gewoon in.
(Bron: familiearchief f. van son).








.jpg)
.jpg)



