zaterdag 17 oktober 2026

Over monniken die sjoemelen....

Deze week eens niet over de vele afspraken die José en ik hadden. Want dat was wel degelijk weer het geval. Wel nog even vertellen dat Cas een erg goed cijfer had voor zijn werkstuk over de geschiedenis van het voetbal. Daarin had hij ook het verhaal van mijn vader verwerkt, die onder meer eens in NAC 1 speelde. Maar verder iets heel anders. Ik stap weer eens in de onderzoekmodus. Je zou misschien vergeten kunnen zijn, dat een van  mijn hobby’s -naast de aandacht voor vrouw, (schoon)kinderen en kleinkinderen-, het genealogisch onderzoek naar mijn familie is.

Wel, ik vond in Anecdota Belgarum Historica een interessant artikel van de Belg Frans J. van Droogenbroeck van de Katholieke Universiteit van Leuven. Mijn familie is van oorsprong afkomstig uit de huidige provincie Brabant in België. Het artikel heeft als titel ‘Een falsum met solide zeggingskracht voor het geopolitiek en landsheerlijk verloop in de 11e-eeuwse Brabantgouw’. Een mond vol, maar interessant. Zo af en toe kom je door lid te zijn van diverse fora nog eens iets tegen.

Dit artikel gaat over de historiografie over de pagus of gouw Brabant in de elfde eeuw en de opdeling van de Ottoonse mark Ename tussen de graven van Vlaanderen en de keizerlijke militaire bevelhebbers. Maar dan gaat het wel over een grondige herziening daarvan.

Centraal in deze analyse staat een vervalste oorkonde van de abdij Saint-Viton in Verdun. Foei, die monniken toch… Historisch gezien werd dit document beschouwd als bewijs voor een ruil van graafschappen en bezittingen begin elfde eeuw tussen de graven van Verdun en een graaf van Leuven, waar men vervolgens zonder bron Lambert I op heeft geplakt. Volgens deze lezing zou een landgoed in Buvrinnes (Beurones) in het graafschap Henegouwen zijn geruild tegen een gelijkwaardig stuk grond in Asse (Villa Ascia), in de  ‘pagus’ Brabant. Deze studie toont aan dat deze lang gehuldigde opvatting onjuist is. Zoals uit de vervalste oorkonde blijkt, hadden de graven van Verdun zich het domein in Buvrinnes namelijk gewoon op ongeoorloofde wijze ingepalmd. Het vervalste stuk vermeldt het protest van de erfgenamen van de oorspronkelijke eigenaar, een zekere graaf Lantbert, die nooit Lambert I van Leuven kan zijn geweest. Die stierf namelijk al in 1015.

Hoe het ook zij, op 17 juni 1040 leidde dit geschil tot een rechtszaak tijdens een hofdag van keizer Hendrik III in Thionville. De monniken van Verdun zagen toen de bui al hangen en probeerden het onheil nog voor te zijn. Ze schreven in allerijl een valse oorkonde om hun rechtspositie te versterken. Tevergeefs, want na afloop blijkt dat zij het domein te Buvrinnes aan de graven van Henegouwen moesten teruggegeven.

Er kan in elk geval gezegd worden, dat de graven van Leuven dus begin 11e eeuw totaal geen landsheerlijk gezag in de Brabantse regio tussen Dender en Dijle hadden. Het gebied bleef gewoon onder van het Ardens-Verdunse gravengeslacht en hun rijkstrouwe opvolgers, de paltsgraven van Lotharingen. En dat bleef zo tot 20 september 1085 toen paltsgraaf Herman II van Lotharingen stierf.   

Pas vanaf juli 1086 treedt Hendrik III van Leuven voor het eerst aan als landgraaf van Brabant en als voogd over bijvoorbeeld de Rijksabdij van Nijvel. De valse akte bevestigt ook dat op initiatief van de Ardens-Verdunse landsheren de regio rond Asse omstreeks het midden van de 11e eeuw een introductie van Romaanstalige plaatsnamen heeft ondergaan en sindsdien wordt er tegelijk plaatselijk gedolven natuursteen ontgonnen. Ik hamer altijd op bronnen, maar zo zie je dat zelfs een valse akte behoorlijk wat informatie in petto kan hebben. Ik heb het hele artikel met plezier gelezen. Enfin, lees het zelf maar, als je geïnteresseerd bent.

(Bronnen: familiearchief f. van son; Een falsum met solide zeggingskracht voor het geopolitiek en landsheerlijk verloop in de 11e-eeuwse Brabantgouw, Frans J Van Droogenbroeck, 2026, Afligem in Anecdota Belgarum Historica VI; fragment van transcriptie falsum: Parijs, Bibliothèque Nationale, ms Latin 5435, fol. 22r. Transcriptie van falsum in 15e-eeuws cartularium van Sint-Vitonusabdij, Verdun. Collection Etienne Baluze (1630-1718), ms 5214, herkomst Franse koninklijke bibliotheek.).


 

 

 

zaterdag 10 oktober 2026

Ja, dat kan ook….

Ik moest deze week een manier vinden om mijn nieuwe bril op te halen. Dat is normaal gezien geen probleem. Parkeren op de Heuvel in Oosterhout en naar de opticien lopen in Arendshof. Maar sinds mijn linkerhand overbelast is, kan ik dat stuk niet meer lopen. De rolstoel stond al beneden in de woonkamer, José en ik hadden hem al uit elkaar gehaald, maar hebben -ook samen- zo weinig kracht, dat we niet wisten hoe we hem in de auto moesten tillen. Laat staan, dat we hem na het bezoek aan de opticien er weer in zouden kunnen tillen. Hulp nodig dus.

Gelukkig klop ik nooit tevergeefs aan bij de (schoon)kinderen. Wouter kwam meteen woensdagavond even langs en legde in no time de volledige rolstoel in mijn auto. Probleem 1 opgelost. Dat moest woensdagavond omdat schoondochter Tara met ons wel naar de opticien wilde gaan op donderdagmiddag na haar werk. Zij kon de rolstoel er dan weer uit tillen en daarna weer in de auto tillen, na het bezoek aan de opticien. Ze nam ook de moeite om meteen met José boodschappen te doen bij Albert Heijn. Door de winkel slenteren zoals José en ik tot voor kort samen deden, is voor mij nu -en ik hoop tijdelijk-  niet mogelijk. Voor José alleen is het wat teveel.

Hulptroepen

En het was niet de enige hulp die we kregen deze week. Inge helpt me bij het invullen van de vele formulieren naar aanleiding van onze gezondheidssituatie en Ronald kwam, op woensdagavond na zijn werk even langs om te voorkomen dat we de deur naar de achtertuin ’s nachts, -of als we weg zijn-, open moeten laten. We kregen de sleutel van het slot niet meer omgedraaid. Hij had het euvel al snel gezien en even zo snel verholpen. “Altijd bellen hoor”, liet hij ons weten. En dan zou ik haast Bram nog vergeten, die voor ons keukenapparatuur mee uitzocht en bestelde. Allemaal nemen ze ons best veel werk uit handen, ook al hebben ze zelf ook de beslommeringen van een eigen gezin.

We kregen deze week ook weer huishoudelijke hulp, al was het voorlopig een vervangster. Onze ‘eigen’ Gabriëlle had zich afgemeld. Komende week komt ‘Saar-aan-huis’ Ingrid weer. Die is een weekje op vakantie geweest. We zouden het zonder al die hulp en medewerking van iedereen niet meer kunnen rooien, zo vrees ik.

José ging woensdagavond weer naar de schilderclub om verder te werken aan haar ‘amarylis’-kunstwerk. Trouw haalt onze schildervriendin Petra haar op en zet haar thuis even na tienen ook weer af.

Fijn, dat je op de hulp van al die mensen kan rekenen. Het ontlast ons en geeft een dankbaar gevoel. En om de week af te ronden: donderdagavond was het debatraad en daar wilde ik uiteraard weer naartoe, al houd ik een hele avond niet meer vol. Vrijdag maakte ik weer alle artikelen voor mijn wekelijkse pagina. Al met al dus weer een stampvolle week.

En dan eten we zondag ook nog eens op uitnodiging buitenshuis. ‘Homemade friet met stoofvlees’ bij restaurant Inge en Bram. “Ja graag”, zei José al, nog voordat ik dat kon doen. Inge helpt me zondag ook met het in gang zetten van het CBR-gedoe, omdat mijn rijbewijs -als 75 jarige- begin volgend jaar op 22 februari verloopt. De auto is ontzettend belangrijk voor ons. Fietsen en lopen gaat niet meer, en alleen op mijn scootmobiel is ook niet prettig, want dan moet José noodgedwongen thuis blijven. Ze komt bij voorbeeld graag in Meerseldreef ‘Zevenster bij de Paters’ en dat is zo’n 40 minuutjes rijden. Daar vindt zij rust. Ook voor het doen van de boodschappen in ons dorp is de auto erg belangrijk. Lopen met zware tassen zit er voor ons tweetjes echt niet meer in.

Ik moet nu op korte termijn voorlopig één acuut probleem oplossen. Het strijken is erg moeilijk geworden voor José. Het lichtgewicht strijkijzer is haar te zwaar. Ze krijgt het nauwelijks nog voor elkaar. Misschien is er een strijkhulpcentrale in onze gemeente. Of een andere oplossing aanwezig. Ik zal eens op zoek gaan. Medicijnen voor de komende maand hoef ik in elk geval voor José niet meer te bestellen en op te halen, want dat is deze week al weer gebeurd. Evenals drie keer fysio, waarvan 1 voor José en het in mijn agenda noteren van mijn volgende bezoekje aan Amphia om mijn ICD te laten controleren. Ik ben nog in afwachting van mijn controlebezoek bij de cardioloog. Dat moet ook ergens in oktober/november komen. Ik ben ontzettend benieuwd, hoe mijn hart zich houdt momenteel. Dat kan zij me vertellen. Ik hoop en vertrouw er op, dat mijn kennelijk toch wel sterke hart, nog lang blijft kloppen. Ik ben José en al die andere fijne mensen nog lang niet beu……

(Bron: familiearchief f. van son)



 

zaterdag 3 oktober 2026

Over dansen, rolstoel en wandelen….

Laat ik maar eens beginnen met te vertellen dat het prima gaat met onze jongste telg in de uitgebreide familie. Ons dertiende kleinkind Lena heeft het naar haar zin bij grote broer Sven, mama Nienke en papa Tommy. Dan maar overstappen naar de op een na jongste. Onze jongste kleinzoon Luuk heeft een hobby waarin hij zich helemaal kan uitleven, zo lijkt het. Het is dansen, geen ballroom of stijldansen, maar wat meer frivool. Met veel verve en plezier draait hij, springt en zwaait hij dat het een lieve lust is. Natuurlijk ga ik je een foto uit een uitgebreid filmpje dat in van zijn moeder Tara kreeg, niet onthouden. Ik heb het tot nu toe al diverse malen bekeken en geniet telkens weer, dat hij zo precies met volop enthousiasme de pasjes en klapjes, het draaien en de stapjes imiteert, die zijn dansjuf voordoet. Bewegen is zijn grote passie. Twee andere kleinzonen deden een proefles in een andere bewegingssport. Cas kreeg een padel-les en Sem koos voor tennis. Ze hebben mij laten weten, dat ze het beiden erg leuk vonden.

Rolstoel

Dansen was er voor mij, vooral afgelopen week niet bij. Mijn overbelaste hand was weer een klein beetje op orde, maar in het begin koos ik ervoor -zeer tegen mijn zin- om de rolstoel zo af en toe nog te gebruiken. Ik moet mijn nieuwe bril nog gaan ophalen en dat zal met de rolstoel mooeten. Het is voor mij te ver lopen en ik ben bang mijn hand weer te overbelasten. Het is immers nog steeds niet over. De rolstoel staat nu nog in de kamer, misschien kan ik er nog uit. Voorlopig is hij dan wachtend tot een sterke arm hem op de opslagplaats gaat zetten. Zodra ik er niet meer in hoef, mag het van mij. Ik heb echt een broertje dood aan mijn rolstoel, al was het een goede oplossing toen ik helemaal geen loopkruk aan mijn linkerhand kon velen. Zonder twee krukken kan ik geen stap meer zetten, zoals je weet. Hij mag weer in elkaar geklapt worden. Ik ben bang dat het lopen definitief verleden tijd is, als ik te lang in zo’n stoel zit.

Wandelen

Er was ook voor José iets deze week, dat ze al lang niet meer gedaan had: een stukje wandelen. Niet met mij en ook niet alleen. Onze ‘Saar aan huis’ Ingrid nam haar mee, toen ik donderdag naar de fysio was. José en Ingrid vonden het gezellig en voor herhaling vatbaar. Ze waren net thuis, toen ik van de fysio terug kwam. Het was een verademing voor haar. Ze wordt nog steeds geteisterd door de dagelijkse duizeligheid en misselijkheid. Echt om misselijk van te worden… José geniet als Ingrid er is. Het klikt.

Intussen proberen ze bij de fysio nog steeds de oorzaak van alle ellende te achterhalen, maar toe nu toe zonder echt resultaat.

Pizza voor ons

Inge nam de woensdag voor haar rekening. Toen onze diepvries kapot ging, brachten we maandagmiddag een deel van de inhoud naar haar. Zij had een lade van haar vriezer speciaal daarvoor leeggemaakt. We kregen prompt een uitnodiging om pizza bij haar te blijven eten. Volledig zelf gemaakt door Bram, die zich ontpopte als een prima pizzabakker. Een met vlees en een met vis. Het was heerlijk. Onze nieuwe vriezer werd dinsdag al bezorgd en aangesloten. Woensdag dus kwam Inge met een tas vol diepvries weer terug en José ging samen met haar de weekboodschappen doen bij onze Appie. Normaal doe ík dat, maar lang lopen en door de supermarkt slenteren laat ik voorlopig nog even uit mijn hoofd.

Riskfactory

Cas ging gisterochtend met zijn klas naar de Riskfactory in de centrale in Geertruidenberg, opgehaald en gebracht met de speciale bus. Hij vond het allemaal ontzettend interessant. Vooral de bacteriën die je zichtbaar kon maken als je de muis vastpakte, hebben indruk gemaakt. Groep 8 is inderdaad een fijne klas om dat soort dingen de kinderen bij te brengen.

Haring voor mij

Toen José nieuwe bloesjes en zo ging kopen met twee dochters bleef ik thuis. Moest zelf ook voor eten zorgen. Het kwam mooi uit dat Cas halverwege de middag op weg naar huis vanaf zijn vriendje, even op visite kwam. We aten samen elk een appeltje en  hij liet weten dat hij met papa een visje ging halen voor het eten. Ik heb van de gelegenheid gebruik gemaakt om hem te vragen of papa ook voor mij harinkjes wilde meebrengen. En prompt kwam Wouter ze tegen zessen brengen. Gezellig nog even samen gepraat. Dank je wel Wouter! Ze waren weer heerlijk.

Stampvol

Om te laten zien dat onze agenda stampvol zat deze week, vertel ik nog dat ik donderdagavond naar de vergadering van de gemeenteraad ging. Je weet wel, ik schrijf elke week over het bestuur en de politiek van onze gemeente. Deze keer was er zoveel nieuws dat ik niet uit kon stellen, dat ik om meer plaatsingsruimte heb gevraagd. Die kreeg ik gelukkig. Dus komende woensdag staan er zowat twee pagina’s van mij in het weekblad. Zoals je weet maak ik vrijdag de artikelen af voor die pagina’s en José ging ’s middags met dochters Elke en Inge mee om nieuwe kleren te kopen. Ze was er echt aan toe. En toen was het dus alweer zaterdag….. Geen Meerseldreef dus deze week. Te druk. Dat maken we weer wel goed.

Tot slot

Nog even tot slot. Gisteren kreeg ik een telefoontje over de huishoudelijke hulp. Er komt een vervangster voor onze zieke Gabriëlle. Die komt voorlopig komende woensdag weer en dan ook nog over twee weken. Fijn. Is dat ook weer geregeld. Kan ik dat ook uit mijn hoofd bannen.Fijn, want dat zit zo langzamerhand stampvol met dingen die bij ons spelen.

(Bron: familiearchief f. van son)

 



 

zaterdag 26 september 2026

Anders dan anders…..

Deze week was toch weer anders dan anders. Maar eerst nog even iets goed maken. Ik ben je nog een ding schuldig. Het voetbalseizoen van de kleinzonen is weer van start en bij RFC gaat dat gepaard met de spelerspresentaties. Ik heb foto’s van Youri in het elftal van onder 13. Hij gaat er ongetwijfeld dit seizoen weer een aantal scoren. Hij speelt enthousiast en met nog steeds veel plezier. Van Sem heb ik helaas geen foto’s. Maar die van Youri wil ik je niet onthouden, al publiceer ik de elftalfoto niet. Er kunnen misschien medespelers zijn, die dat liever niet hebben. Daarom heb ik er Youri maar ‘uitgeknipt’.

Overbelast

Dan onze week. Een niet zo prettige deze keer. Ik heb nog steeds last van mijn overbelaste linkerhand, mijn schrijfhand en dat is extra lastig. Ik kon niet met krukken lopen en dat betekent dat er een rolstoel in huis staat, die ik vaak moet gebruiken. In het tweede deel van de week gaat het na het diverse malen per dag koelen van mijn hand, een beetje beter gelukkig. Maar die ellende beperkt me nog teveel en valt me zwaar. Het betekende ook dat ik niet naar de Raadsvergadering kon, niet lopen, niet autorijden, niet snel genoeg schrijven. Ellendig die linkerhand.  Het belet me in elk geval om weer definitief uit dat dal te kruipen van de tijd waarin het José en mij niet zo lekker ging en gaat op gezondheidsgebied.

Het betekent ook dat de kinderen deze week in touw zijn om boodschappen te halen en bij te springen. Ik heb je al meer gezegd, dat wij fantastische, behulpzame kinderen en schoonkinderen hebben. Daar zijn we blij mee en dankbaar voor. Zo was Bram maandag bij een gesprek, bracht Wouter José woensdagavond nog naar de schildersclub en haalde Ronald haar op, omdat ik het toen echt nog te onveilig vond om zelf auto te rijden. Elke en Meike deden boodschappen en gisteravond haalde Inge samen met José de wekelijkse boodschappen in huis.

Over José gesproken, met haar is het nog altijd het zelfde liedje. Duizelig en misselijk van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Om moedeloos van te worden. Soms is het machteloos huilen. Niets lijkt tot nog toe te helpen.

Het was deze week echt raak met afspraken op medisch, paramedisch gebied en aanverwante hulp. Elke dag met uitzondering van de woensdag, al liet toen onze huishoudelijke hulp verstek gaan, overigens tevoren gemeld. Er moet veel worden geregeld en gedaan om de gezondheidssituatie van José en mij in goede banen te leiden. Fijn dat ook hier de kinderen, -waartoe ik ook de schoonkinderen reken-, bijspringen. Er is er altijd wel een aanwezig bij gesprekken en dergelijke.

Wielrennen

Ik kan ’s middags na een uurtje op de bank om uit te rusten, deze week genieten. Wielrennen is mijn favoriete sport. Passief wel te verstaan. Fietsen kan ik al een tijdje niet meer. Ik bedoel vooral wielrennen op tv. Er zijn nu wereldkampioenschappen in Montreal. Heerlijke genieten op TV. José kijkt vaak ook met me mee. Vandaag is de wegrit voor dames en morgen die voor de heren. Dan komen daarna de Europese kampioenschappen en de najaarsklassiekers en dan begint weer het veldrijden. Ik ben weliswaar niet zo blij met de commentatoren op Eurosport en de chauvinisten op de BRT, maar De NPO laat liever mensen aan het woord dan dat ze de wedstrijd op de voet volgen. Ik hoef niet te horen wat ik zelf gezien heb en wat een ander daarvan vooraf of achteraf vindt. Maar nu eerst even ontbijten en dan brood en vleeswaren halen en zo’n stekker tegen de muggen. Ook dat gaat gewoon door. Gelukkig kan ik weer veilig autorijden.

(Bron: familiearchief f.van son)



 

zaterdag 19 september 2026

Verbazing…

Ik verbaas me er elke keer weer over, dat de week in onze agenda zo gevuld blijft. Als je met pensioen gaat, dan moet je uitkijken dat je niet vereenzaamt, zo laat men je weten. Je moet iets aanpakken, anders kwijn je weg achter de geraniums. Nee dus. Nog totaal niets van gemerkt. Integendeel. We moeten veel eerder uitkijken, dat er niet een veel te volle agenda ontstaat.

Uiteraard worden wij geconfronteerd met veel medische en paramedische afspraken. Die nemen behoorlijk wat tijd in beslag en ik kan niet zegen, dat het gaandeweg minder wordt. Er kwam er gisteren nog een bij. Het pootje van mijn leesbril brak af. Een nieuwe bril was eigenlijk al langer nodig. Dus ben ik er meteen gaan uitzoeken. Eerst ogen opmeten. Jaren geleden zijn beide ogen onder een staaroperatie geweest. Er was weer het een en ander veranderd in mijn zicht. Weer een rib uit mijn lijf. Over twee weken zijn de twee brillen voor normaal gebruik en voor lezen en computerwerk klaar. Ik krijg per bril een mailtje wanneer ik ze kan ophalen. Het lopen van de parkeerplaats naar de winkel was eigenlijk teveel van het goede. Dat merk ik nu. Mijn hand doet erg veel pijn en is wat opgezet. Gevalletje van overbelasting vrees ik. Naar de huisarts hoeft niet. Ik kan zelf ook tegen mezelf zeggen dat ik rust moet nemen met die hand. Dat gaat natuurlijk niet. Ik loop met twee krukken. Rust nemen betekent thuis op de bank gaan zitten, want dan ben ik niet meer mobiel. Af en toe een paracetamol, als het wat teveel wordt. Ook dat zou de huisarts me vertellen…….. Wachten tot het overgaat en een voorzichtig zijn en de hand ontzien. Het is mijn linkerhand, dus ik ben nu echt onthand. José moet nu noodgedwongen en tot mijn verdriet de rolstoel in elkaar zetten. Hopelijk gaat het over.

Naast al dat gedoe blijf ik zo lang het kan, de wekelijkse pagina  schrijven in ons weekblad De Langstraat, waarin ook heel wat uurtjes gaan zitten. José kan na een wel erg ruime vakantieperiode weer elke woensdagavond naar haar schildersclub. We zijn blij dat we nu nog twee kleinzonen elke maandagmiddag op de lunch hebben, maar alle overige zaken in de agenda komen er stilletjes bij. Soms is het zo druk op een dag, dat we blij zijn, als het avond is. Ik ben dan meestal al een paar uurtjes eerder zonder energie komen te zitten en José is na de kookactiviteiten en afwas ook blij als de op de bank kan neerploffen. We betrappen ons er op, dat we deze week zelfs erg vroeg naar bed zijn gegaan op enkele avonden. Donderdag niet, want toen was er een extra raadsvergadering om een wethouder te benoemen. Dat is voer voor discussie in onze gemeente en dat wil ik goed kunnen volgen. Ik liep ook tegen een nieuwtje aan. De Sociale Volks Partij SVP houdt op te bestaan. Het enige Raadslid stapt over naar een andere partij en fractie, Keerpunt74. Ook dat natuurlijk zo snel mogelijk on line laten zetten. Maar ik merk wel, dat -avondmens dat ik vroeger was-, bijwonen van zo’n vergadering me toch nu veel meer moeite en energie kost dan een jaartje geleden het geval was. Ik moet erg goed naar mijn lichaam luisteren, zo merk ik. Meer dan vroeger het geval was. Ik maakte toen vaak weken van 50 of meer uur en schroomde niet om ook op zaterdag of zondag in touw te zijn.

Nu we beiden niet meer zo gemakkelijk zo maar alles doen, schiet lopen er bij in, om nog maar niet te spreken over fietsen. José doet dat niet meer sinds haar herseninfarct en ik ga in mijn eentje niet met de scootmobiel een ritje langs de Donge maken. Je pakt dan al snel de auto en dan gaat het vaak naar ‘de Paters’ in Meerseldreef om daar gezellig een bakske te drinken en iets kleins te eten tussen de middag. José vindt het daar het prettigst en zit er op haar gemak. Het is niet ver rijden. We hebben in de zomer ervoor gekozen om er binnen te blijven zitten. Onder de parasols was het in de hitte voor ons niet zo aantrekkelijk. Achter de dikke muren was het vrij koel. Nu komt de Herfst en dat betekent ook de komst van een andere menukaart. Ook thuis.

Hoogtepunt

Hoogtepunt was deze week zonder enige twijfel de afgelopen zondag. Toen gingen we met de auto in Vleuten kennis maken met ons dertiende kleinkind. Een schat van een meisje. Onze Lena. Zowel José als ik mochten haar even op schoot. Hollands welvaren hoor. Tevreden en rustig. Het was deze week misschien iets gemakkelijker voor haar ouders om te wennen aan de mooie nieuwkomer. Grote broer Sven moet immers gewoon naar school.

(Bron: familiearchief f. van son)



 

zaterdag 12 september 2026

Ze ging weer hobbyen

José ging na de uitgebreide vakantieperiode woensdagavond weer naar de schilderclub. Rolkoffertje mee en weer opgehaald door haar schildervriendin, die een dagje eerder namens haar vriendenclubje met een prachtige plant voor in de tuin, op visite kwam. Het was weer even wennen voor José, maar dat betekende, dat ik met interesse het moment afwachtte, waarop ze even na tienen weer voor de deur stond.

Het was wel gezellig, maar er waren er maar een handjevol schilderessen en José liet weten, dat zij geen inspiratie had gehad. Niet zo vreemd, want ze zit nog steeds dag in, dag uit met haar duizeligheid en misselijkheid. Desondanks zag ik haar aan het werk op een prachtige foto, die haar vriendin van haar stuurde. “Daar heb ik niks van gemerkt”, was het commentaar van José. Volgende week gaat ze in elk geval weer en hoopt ze dat er meer schildervriendinnen aanwezig zullen zijn. We wachten af.

Werkstuk

Cas zit in groep acht en moet voorlopig even flink aan de bak. Hij moet al snel een werkstuk inleveren. Dat maakt hij over de geschiedenis van het voetbal. Hij wist zich te herinneren dat mijn vader bij NAC heeft gespeeld en er is zelfs een verslagje van zijn eerste invalbeurt bij het eerste. Uiteraard kon ik samen met hem even in het familiearchief kijken en vond daar een aantal íngekleurde’ en andere foto’s. Hij kan zijn werkstuk er misschien wat mee opleuken. Ik ken hem goed genoeg om te weten dat hij zich erg serieus op het maken van zijn werk zal storten. Ik ben benieuwd naar het eindresultaat. Veel succes Cas!

Onderuit

Ik ging deze week voor de tweede keer onderuit. Dat kwam ook nu weer omdat ik mijn evenwicht verlies en me op dat moment nergens aan vast kan houden. De schade was niet zo groot deze keer, maar mijn onzekerheid is wel iets meer toegenomen. Gisteravond ging ik na het oprapen van een dekseltje in de keuken weer onderuit, nadat ik overeind was gekomen. Voor de derde keer deze week. Mijn krachten nemen af. Misschien wordt het binnenkort wat minder onzeker, als ik me weer wat beter voel.

Volle agenda

Deze week was niet zo druk, maar wel vol. We zijn naar de kapper geweest, kregen visite van Elke met Cas en Sem en van Petra, schildervriendin van ons , de huishoudelijke hulp kwam José weer een handje helpen, we reden aan keertje naar Meerseldreef voor de koffie en een hapje, José ging woensdag naar de schilderclub en ik ging donderdagavond naar de Debatraad. Vrijdag was weer de gebruikelijke dag waarop ik mijn wekelijkse pagina in het weekblad De Langstraat maak. Al met al toch best weer een volle week. Afwachten wat de komende week weer brengt.

(Bron: familiearchief f. van son).

 



zaterdag 5 september 2026

Paters die zich in de vingers snijden……

Als de voortekenen niet bedriegen, dan gaan de paters in Meerseldreef de taveerne daar onder handen nemen. Er moet volgens hen veel gebeuren aan het gebouw en er gaan zelfs verhalen over moderniseren. Dat woord past niet bij de ziel en de klanten uit vele windstreken, die dagelijks gebruik maken van de Taveerne en speeltuin de Zevenster. De naam is ontleend aan de zeven smarten en vreugden van Maria. Het ademt ongewild nostalgie. Gaan de paters in Meerseldreef zich in de vingers snijden?

Van toepassing

De historische betekenis van het woord Taveerne voor de gezellige en gemoedelijke horecagelegenheid met aangepaste prijzen, is duidelijk van toepassing. Het woord Taveerne komt van het Latijnse taberna (winkel of hut). Vroeger was het vaak een gezellige ontmoetingsplek voor reizigers en buurtgenoten. En laten we eerlijk zijn, dat is het in Meerseldreef, -gelegen tegenover de Mariatuin-, nu nog. De buurtgenoten komen na de mis een bakske drinken met een appelflap of stukje gebak om er vervolgens nog wat geestrijk vocht aan toe te voegen soms.

Reizigers

Het zijn niet enkel buurtgenoten, maar ook reizigers.  Het staat er vol met fietsen en auto’s uit Nederland en België. Fietsend langs de rivier de Mark komen er velen langs de speeltuin de Zevenster met Taveerne. Een opsomming van die vele, vaak ook vaste klanten: ‘rij-er-is-uit’ die een uitje hebben, een eenzame fietser, een gezelligheidsfietsclubje uit Hooge Zwaluwe dat er komt lunchen, pelgrims en mensen die innerlijke rust zoeken, die na een bezoek aan de Mariatuin oversteken naar de Taveerne, die gevestigd is in een gebouw dat ademt, dat het vroeger zeker in gebruik was bij de paters. En wat te denken van de groepen wielrenners die op hun tocht er de inwendige mens komen versterken en hun bidons met water vullen. En de touringcars die de Taveerne als tussenstop gebruiken voor een sobere prijsbewuste lunch bij voorbeeld. De rijen bordjes en kop en schotels staan op de tafels vaak al op hen te wachten. Of wat te denken van de ouders of grootouders die met kinderen of kleinkinderen in de speeltuin neerstrijken, ook bij minder goed weer, en in de Taveerne iets komen drinken en een broodje of snack eten. En de bezoekers van de rommelmarkt die in de zomermaanden elke zondagochtend in het dorp wordt gehouden. Velen komen voor een hapje en drankje naar de Taveerne. 

Waarom

Waarom is die Taveerne zo’n echte gezellige en gemoedelijke pleisterplaats voor velen. De uitbaters hebben daar een flinke tijd aan moeten werken, maar zijn er door klantgerichtheid, service, gemoedelijkheid en aangepaste prijzen in geslaagd een rustplaats te creëren. Het gebouw zelf heeft daar een niet onaanzienlijke bijdrage aan geleverd. Vele religieuze uitingen en kruisbeelden, heiligenbeelden onder een glazen stolp en nog veel meer hangen tegen de muur of staan boven de ouderwetse toog te pronken. Het nodigt nieuwe klanten uit om een paar foto’s te maken, voordat ze iets bestellen. Geen culinaire hoogstandjes moet je verwachten, maar vooral met liefde en aandacht gemaakte belegde stokbroodjes of sandwiches, zoals ze er de cadetjes en puntbroodjes noemen. Ook zijn er wat meer luxe broodjes, wafels al dan niet met slagroom en kersen of aardbeien en een appeltaartpunt te bestellen voor wie naast een keur aan drankjes nog iets zou willen eten. Of een frietje met of een vaak zelf bedachte ‘daghap’ of zelfgemaakte soep. Geen volledig diner moet je er verwachten, maar daar zit geen klant van de Taveerne op te wachten. De huidige entourage heeft een ziel, ademt de sfeer van nostalgie en gemoedelijkheid en een zweem van Bourgondisch genieten. De uitbaters en hun bedienend personeel staan bol van invoelend vermogen en service aan de klant.

Moderniseren

Er schijnen bij de paters stemmen op te gaan om het gebouw te moderniseren. Er zou ook wat gesloopt moeten worden. Doodzonde. Daarop zit geen van de klanten te wachten. Als de taveerne geruime tijd dicht zou moeten, dan is het met de pelgrimage gedaan in Meerseldreef. De ouders met kinderen blijven weg uit de speeltuin waar geen drankje of ijsje meer te krijgen is; de kerkgangers en buurtgenoten lopen met hun ziel onder de arm en de groepjes met wielrenners verleggen hun route. Dan is het gedaan! En de klanten komen niet meer terug. Meerseldreef zal Meerseldreef niet meer zijn.

Nadenken

Zouden de paters dat als eigenaar niet beseffen? Naar verluid moeten de uitbaters hun met veel ‘goodwill’ opgebouwde horecagelegenheid eind deze maand verlaten hebben, de klanten dolend achterlatend. Voor ons zou dat betekenen, dat José een plek waar zij na haar herseninfarct rust vindt, kwijt zou zijn. Genoeg horeca over? Nee hoor, niet zoals de taveerne in den Dreef. Misschien een beetje oubollig en ouderwets in de ogen van de moderne tijd, maar niet voor de vele klanten van velerlei pluimage. 

Opknappen

Knap de zaak op waar dat nodig is en houdt verder de sfeer overeind, zo zou ik de paters voor willen houden. Behoud deze uitbaters, die precies aanvoelen waarop de klant zit te wachten. Ook bij ons gaat door ons hoofd dat het nog maar helemaal de vraag is, of we op ons geliefde plekje voor een bakske, tonic of ‘bruiswater’ en nu en dan een wafel en een ‘sandwich bal uit de jus’ straks nog terecht kunnen. Als ik eerlijk ben, dan denk ik dat het heel moeilijk -zo niet haast onmogelijk- zal zijn om een vergelijkbare, sfeervolle en gezellige horecagelegenheid te vinden. Dat geldt ook voor die oudere mensen, die doordeweeks en ook na de wekelijkse zondagsmis neerstrijken voor een appelflap en koffie of thee, gevolgd door nog een bakske of geestrijker versnapering en een hapje.

Ik denk dat de paters van de in Duitsland gevestigde orde, zich met hun (ver)bouwplannen flink in de vingers gaan snijden. De schare klanten en bezoekers is niet voor vernieuwing en ook bussen met bedevaartgangers, de fietsende racegroepjes en de vele bezoekers van speeltuin de Zevenster zitten daarop niet te wachten als ze dan niet meer bij de hun vertrouwde ‘bij de paters’ terecht kunnen. Dat zou doodjammer zijn.

‘Ze komen na modernisering wel terug’, hoor je de paters denken. Vergeet het maar. Een periode van sluiten betekent de doodsteek.

(Bron: familiearchief f.van son)