zaterdag 5 september 2026

Paters die zich in de vingers snijden……

Als de voortekenen niet bedriegen, dan gaan de paters in Meerseldreef de taveerne daar onder handen nemen. Er moet volgens hen veel gebeuren aan het gebouw en er gaan zelfs verhalen over moderniseren. Dat woord past niet bij de ziel en de klanten uit vele windstreken, die dagelijks gebruik maken van de Taveerne en speeltuin de Zevenster. De naam is ontleend aan de zeven smarten en vreugden van Maria. Het ademt ongewild nostalgie. Gaan de paters in Meerseldreef zich in de vingers snijden?

Van toepassing

De historische betekenis van het woord Taveerne voor de gezellige en gemoedelijke horecagelegenheid met aangepaste prijzen, is duidelijk van toepassing. Het woord Taveerne komt van het Latijnse taberna (winkel of hut). Vroeger was het vaak een gezellige ontmoetingsplek voor reizigers en buurtgenoten. En laten we eerlijk zijn, dat is het in Meerseldreef, -gelegen tegenover de Mariatuin-, nu nog. De buurtgenoten komen na de mis een bakske drinken met een appelflap of stukje gebak om er vervolgens nog wat geestrijk vocht aan toe te voegen soms.

Reizigers

Het zijn niet enkel buurtgenoten, maar ook reizigers.  Het staat er vol met fietsen en auto’s uit Nederland en België. Fietsend langs de rivier de Mark komen er velen langs de speeltuin de Zevenster met Taveerne. Een opsomming van die vele, vaak ook vaste klanten: ‘rij-er-is-uit’ die een uitje hebben, een eenzame fietser, een gezelligheidsfietsclubje uit Hooge Zwaluwe dat er komt lunchen, pelgrims en mensen die innerlijke rust zoeken, die na een bezoek aan de Mariatuin oversteken naar de Taveerne, die gevestigd is in een gebouw dat ademt, dat het vroeger zeker in gebruik was bij de paters. En wat te denken van de groepen wielrenners die op hun tocht er de inwendige mens komen versterken en hun bidons met water vullen. En de touringcars die de Taveerne als tussenstop gebruiken voor een sobere prijsbewuste lunch bij voorbeeld. De rijen bordjes en kop en schotels staan op de tafels vaak al op hen te wachten. Of wat te denken van de ouders of grootouders die met kinderen of kleinkinderen in de speeltuin neerstrijken, ook bij minder goed weer, en in de Taveerne iets komen drinken en een broodje of snack eten. En de bezoekers van de rommelmarkt die in de zomermaanden elke zondagochtend in het dorp wordt gehouden. Velen komen voor een hapje en drankje naar de Taveerne. 

Waarom

Waarom is die Taveerne zo’n echte gezellige en gemoedelijke pleisterplaats voor velen. De uitbaters hebben daar een flinke tijd aan moeten werken, maar zijn er door klantgerichtheid, service, gemoedelijkheid en aangepaste prijzen in geslaagd een rustplaats te creëren. Het gebouw zelf heeft daar een niet onaanzienlijke bijdrage aan geleverd. Vele religieuze uitingen en kruisbeelden, heiligenbeelden onder een glazen stolp en nog veel meer hangen tegen de muur of staan boven de ouderwetse toog te pronken. Het nodigt nieuwe klanten uit om een paar foto’s te maken, voordat ze iets bestellen. Geen culinaire hoogstandjes moet je verwachten, maar vooral met liefde en aandacht gemaakte belegde stokbroodjes of sandwiches, zoals ze er de cadetjes en puntbroodjes noemen. Ook zijn er wat meer luxe broodjes, wafels al dan niet met slagroom en kersen of aardbeien en een appeltaartpunt te bestellen voor wie naast een keur aan drankjes nog iets zou willen eten. Of een frietje met of een vaak zelf bedachte ‘daghap’ of zelfgemaakte soep. Geen volledig diner moet je er verwachten, maar daar zit geen klant van de Taveerne op te wachten. De huidige entourage heeft een ziel, ademt de sfeer van nostalgie en gemoedelijkheid en een zweem van Bourgondisch genieten. De uitbaters en hun bedienend personeel staan bol van invoelend vermogen en service aan de klant.

Moderniseren

Er schijnen bij de paters stemmen op te gaan om het gebouw te moderniseren. Er zou ook wat gesloopt moeten worden. Doodzonde. Daarop zit geen van de klanten te wachten. Als de taveerne geruime tijd dicht zou moeten, dan is het met de pelgrimage gedaan in Meerseldreef. De ouders met kinderen blijven weg uit de speeltuin waar geen drankje of ijsje meer te krijgen is; de kerkgangers en buurtgenoten lopen met hun ziel onder de arm en de groepjes met wielrenners verleggen hun route. Dan is het gedaan! En de klanten komen niet meer terug. Meerseldreef zal Meerseldreef niet meer zijn.

Nadenken

Zouden de paters dat als eigenaar niet beseffen? Naar verluid moeten de uitbaters hun met veel ‘goodwill’ opgebouwde horecagelegenheid eind deze maand verlaten hebben, de klanten dolend achterlatend. Voor ons zou dat betekenen, dat José een plek waar zij na haar herseninfarct rust vindt, kwijt zou zijn. Genoeg horeca over? Nee hoor, niet zoals de taveerne in den Dreef. Misschien een beetje oubollig en ouderwets in de ogen van de moderne tijd, maar niet voor de vele klanten van velerlei pluimage. 

Opknappen

Knap de zaak op waar dat nodig is en houdt verder de sfeer overeind, zo zou ik de paters voor willen houden. Behoud deze uitbaters, die precies aanvoelen waarop de klant zit te wachten. Ook bij ons gaat door ons hoofd dat het nog maar helemaal de vraag is, of we op ons geliefde plekje voor een bakske, tonic of ‘bruiswater’ en nu en dan een wafel en een ‘sandwich bal uit de jus’ straks nog terecht kunnen. Als ik eerlijk ben, dan denk ik dat het heel moeilijk -zo niet haast onmogelijk- zal zijn om een vergelijkbare, sfeervolle en gezellige horecagelegenheid te vinden. Dat geldt ook voor die oudere mensen, die doordeweeks en ook na de wekelijkse zondagsmis neerstrijken voor een appelflap en koffie of thee, gevolgd door nog een bakske of geestrijker versnapering en een hapje.

Ik denk dat de paters van de in Duitsland gevestigde orde, zich met hun (ver)bouwplannen flink in de vingers gaan snijden. De schare klanten en bezoekers is niet voor vernieuwing en ook bussen met bedevaartgangers, de fietsende racegroepjes en de vele bezoekers van speeltuin de Zevenster zitten daarop niet te wachten als ze dan niet meer bij de hun vertrouwde ‘bij de paters’ terecht kunnen. Dat zou doodjammer zijn.

‘Ze komen na modernisering wel terug’, hoor je de paters denken. Vergeet het maar. Een periode van sluiten betekent de doodsteek.

(Bron: familiearchief f.van son) 

 







                                                                  

zaterdag 29 augustus 2026

Begonnen...of toch niet....

De scholen zijn weer begonnen. Alhoewel... Het bekende spandoek hangt er weer. Ook in de buurt van de scholen is de bekende drukte, gepaard aan gevaarlijke situaties, weer terug. Ouders die hun kind of kinderen naar school brengen en daarbij totaal geen oog hebben voor andere, meestal jonge verkeersdeelnemertjes. Dat zal nog wel erger worden, als het weer echt omslaat en er regenbuien komen. En dat niet enkel bij de basisscholen. Bij het Dongemond college is het een doffe ellende, zodra er ook maar in de verste verte regen wordt verwacht, rijgen de auto’s zich aaneen om hun kind, -dat kennelijk van suikergoed gemaakt is-, het liefst zo dicht mogelijk bij school af te zetten. De jeugd wordt tegenwoordig veel te veel gepamperd. Ik denk daarbij steeds terug aan onze eigen kinderen. Toen die naar de middelbare school gingen, was dat op de fiets. Toen woonden we nog in Oisterwijk of al in Geertruidenberg, maar steevast togen zij op de fiets naar de middelbare school. Die school, het Maurick college, lag wel 12 kilometer verderop in Vught, of vanuit Geertruidenberg nog verder toen Tommy naar het Stedelijk Gymnasium in Breda ging. Steeds op de fiets. Ze mochten van ons wel met de bus, maar daar voelden ze niets voor. Ze hebben er niets aan over gehouden.

Wat onze kleinkinderen betreft: Renée gaat naar de examenklas; Robyn en Youri ( hij voor het eerst) naar de middelbare school en Cas gaat naar de laatste groep van de basisschool. Dat betekent dus een jaar met wennen aan huiswerk, en veel voorbereidingen voor de musical. Dat heeft Youri hem al verteld. Sem zit een paar klassen lager en dat geldt ook voor Sven die als enige kleinzoon overigens pas maandag weer naar school gaat. Die woont met papa en mama in een andere regio. Luuk zit nog op de op een na onderste ladder van de basisschoolgroepen. Dan heb ik het nog niet over Emma, Joël en Anouk gehad. Emma is aan haar stageschool toe in Dongen en Joël is met een diploma op zak op weg naar de HAS in Den Bosch. Anouk gaat aftasten wat de beste vervolgstap voor haar is. Lekker toch als het met de kleinkinderen goed gaat op school.

En wij…

José en ik hebben het druk. De huishoudelijke hulp is voor het eerst geweest deze week. De indicatie werd al in maart afgegeven, maar er zijn gewoon te weinig mensen; er zijn ook de nodige medische afspraken per week. José wordt nog steeds geteisterd door misselijkheid en duizeligheid. Ik ben na mijn val nog steeds aan het opknappen en wij rijden diverse malen naar Meerseldreef. José komt er graag. Ze vindt het gezellig om daar een bakske te drinken en een wafel of appelflap te eten. Een alcohol vrij biertje en voor mij meestal bruiswater of tonic. Daarna rijden we door het bos en daarna door het buitengebied weer terug naar huis. Wij zijn zeker op de terugweg geen snelwegmensen. Alles op ons gemak. Dan breekt het lijntje hopelijk niet. Wij komen de week op die manier gemakkelijk door.

Maar vanmiddag eerst naar het verjaardagfeestje van Robyn. Gezellig. 

(Bron: familiearchief f.v.Son)

 


zaterdag 22 augustus 2026

Bestedeling, borgbrief en een val…..

Een stukje uit mijn stamboomgegevens deze week over bestedelingen en een borgbrief. Dat doe ik aan de hand van Adriaan Wouter van Son, ook als van Zon soms vermeld. Ik heb hem gekozen, omdat dit familielid, -zelf ooit landbouwknecht-, later zelf bestedelingen zou krijgen. Een begrip dat wij in onze tijd nauwelijks nog tegen komen. Ook was op hem het begrip ‘borgbrief’ van toepassing.

Adriaan Wouter van Son werd gedoopt op 22 augustus 1733. Vandaag dus 293 jaar geleden. De doopinschrijving in het Gilzer doopboek vermeldt dat Cornelius Voermans en Johanna Gerardi van Son de doopgetuigen waren. Deze Adriaan zou op 21 april 1777 trouwen met Anna Maria Antonie Alewijns.

We weten uit de belastingregisters in welke buurt in Gilze hij gewoond heeft, deze Adriaan, de zoon van Wouter Geerit van Son en Adriaantie Willem Heijblom. Adriaan staat als zoon genoteerd bij Wouter van Son in Gilze kerkhof 1734-1735 half, als kind dus. en in later in de buurt Nerhoven van 1736-1744 half, in 1746 half, in 1751 half. Vanaf 1752 wordt hij tot 1770 als ‘heel’  vermeld. Tussendoor woont hij als neef in Verhoven bij (oom) Antonij Geert van Son (mijn voorouder) van 1747-1748 half. Daar heeft hij zonder twijfel moeten werken. Vanaf 1749 tot 1750 was Adriaan in Verhoven knecht bij Peter Spapen. In 1771 en wel tot 1787 vinden we hem in Nerhoven terug als hij wordt vermeld apart naast vader hoofdbewoner Hij is binnen de wijk verhuisd 1784/1785. Volgens het Nederduits gereformeerd begraaf boek 1785 – 1788 werd hij begraven op  20 januari 1788. Maar daar ging het niet over.

Bestedelingen

Adriaan had enkele bestedelingen van elders, namelijk Drent van Hattem en vrouw Martijntje 1785 heel en Jan van Bracht 1787 heel. Het waren geen kinderen dus. Wat betekende dat, als je bestedelingen had. Je had in elk geval werk te verrichten en wilde daar zo goedkoop mogelijke arbeidskrachten voor hebben.  Bestedelingen betekende, dat je voor een relatieve habbekrats goedkope arbeidskrachten kon krijgen. Hoe dat in zijn werk ging?  We weten dat er bij voorbeeld in 1780 in een herberg een veiling wordt gehouden. Boeren en herders wachten af of er iets van hun gading is tussen het aanbod. De armvoogden en kerkdiaken die vaak dit soort veilingen organiseerden, zijn blij met elke mond minder om te voeden. Geveild worden namelijk weeskinderen, ouderen of mensen met een beperking. En vergis je niet. Dit soort activiteiten ging door tot zelfs diep in de twintigste eeuw. Mensen werden door de kerk of overheid uitbesteed aan gezinnen of instellingen. Dit ging vaak via openbare veilingen waarbij de persoon die het minste geld vroeg ('de laagste bieder') de zorg overnam. Mensen werden als vee geveild. De armvoogden en kerkdiaken die vaak een veiling organiseerden, zijn tevreden over de behaalde besparingen, blij met elke mond minder om te voeden.

Hoe kwam het zover dat in Nederland wezen en armen onder de vleugels kwamen van degene die het laagste geldbedrag voor ze bood? De vangnetten die eeuwenlang bestonden, vielen stap voor stap weg terwijl de bevolking groeide. Er moest een oplossing komen voor de opvang van het stijgende aantal hulpbehoevenden, van wezen en vondelingen tot ouderen die niet meer voor zichzelf konden zorgen. Adriaan had dus ook een tijdje een paar van die mensen. Niet van ‘de armen uit Gilze’ zelf, maar mensen van elders. Hij gaf die onderdak en voedsel en in ruil daarvoor deden zij werk voor hem, bij voorbeeld op het land. 

Borgbrief

En dan nog het tweede begrip, de ‘borgbrief’.  In Goirle werd voor Adriaan een borgbrief afgegeven op 3 april 1771 door de corpus voor Gilze. Borgbrieven zijn schriftelijke bronnen, die tot begin 19e eeuw worden afgegeven door bestuurders van een dorp of stad, waarin ze verklaren dat zij een bepaald persoon, die uit die plaats afkomstig is, zullen onderhouden als hij of zij armlastig wordt. In de borgbrief staan meestal de naam en plaats van de instantie van de afgifte, de naam en hoedanigheid van de betrokkene, soms diens leeftijd en de plaats van toekomstige vestiging. Pas als je zo’n borgbrief had, mocht je je ergens anders vestigen. Een mooie bron dus voor onderzoekers. Ik heb een andere borgbrief bijgevoegd. Pieter van Son vroeg voor hem, zijn vrouw Maria Andriesse van Broekhoven en vijf maanden oude dochtertje een borgbrief ofwel akte van indemniteit in Oosterhout, voor vestiging in Oisterwijk. Geen directe familie, maar toch wel aardig. Hij vroeg en kreeg die borgbrief in 1786. 

En ja hoor

Zaterdag 15 augustus om 11.15 uur, vorige week dus, viel eindelijk een korte eerste regenbui. Ik had het raam in de kamer open staan, blij met de frisse lucht die naar binnen kwam, na een paar voor ons veel te warme dagen. Die hele zaterdag viel er zo af en toe een drupje. Maar heel de afgelopen week is er gelukkig voorlopig weer voldoende gevallen. Als je de natuur maar zijn gang laat gaan, zorgt die zelf wel dat het weer in orde komt, dat zie je ook nu weer. Probleem is dat milieufanaten en wetenschappers van diverse pluimage de natuur liever naar hun hand willen zetten door op diverse manieren in te grijpen. Vergeefse moeite! De mens zou zich beter aan de natuur aanpassen dan te denken dat het omgekeerd ook kan.

Gevallen!

Woensdagavond verloor ik, -gelukkig in huis-, plotseling mijn wankel evenwicht. Dat gebeurde toen ik mijn leesbril aan het kastje wilde hangen, zoals elke avond. Ik ben flink achterover gevallen. Arm open, spieren die een oplawaai hebben gekregen, last van mijn nekspieren, maar gelukkig niets gebroken. Het was erg moeilijk om weer overeind te komen. Dat kostte te veel energie en José kan mij niet tillen. Ik heb er nu nog wel veel last van, maar de ouderdom komt met gebreken, zal ik maar zeggen. Zal wel weer over gaan, hoop ik…. Datzelfde geldt voor de duizeligheid en misselijkheid die José nog steeds elke dag parten speelt, Bloedonderzoek leverde ook al niets op. Ze gaat nu naar de speciale fysio. Hopelijk helpt dat.

(Bronnen: familiearchief f. van son; inv. Nr. 01 Gilze Doopboek 1677-1678 en 1683-1781 (R.K.) arch.nr. 2802, dtb boeken gilze en rijen 1677-1810, inv.nr. 01, fol. 31; Borgbrief: adm. archief Tilburg 1387-1810 inv. vv139 pag 50v.).   


 

zaterdag 15 augustus 2026

Bijna weg……

Wat moeten mensen in de oertijden bang zijn geweest, als er een volledige zonsverduistering was. Voor ons, die voorzien worden van uitleg op en in alle media, lijkt het wat minder ingrijpend. Niet als je kijkt naar de run op de eclipsbrilletjes en de hoeveelheid mensen, die naar de bijna gehele zonsverduistering keken.

Volgend jaar is er, ik geloof begin augustus, een halve zonsverduistering. Dan wordt het nog eens dunnetjes overgedaan dus. Maar dan duurt het bijna weer tot het einde van deze eeuw voor zich weer zo’n verschijnsel voordoet.

Leuk om weer eens mee te maken. Dat gold ook voor onze kinderen die het in 1999 al eens gezien hadden. We reden speciaal naar een of andere dijk in Zeeland en we waren ook daar niet de enigen. Dit keer maakte kleindochter Robyn een hele mooie foto met haar mobieltje en eclipsbril ervoor. Luuk volgde alles van achter zijn eclipsbrilletje en ook Cas en Sem gingen kijken, samen met het gezin van tante Inge. Van de anderen heb ik niets gehoord daarover.

Bloedheet

Het was weer bloedheet vooral donderdag en gisteren. Tropische temperaturen. En daar ben ik momenteel echt niet meer zo blij mee. De hitte en soms benauwdheid spelen met parten. Dat geldt ook voor José,  die nog steeds geteisterd wordt door duizeligheid, dag in dag uit. Om echt moedeloos van te worden. We rijden bijna dagelijks naar Meerseldreef: eerst de airco in de auto en dan de relatief koele ruimte achter de dikke muren van ‘bij de Paters’ ofwel de Zevenster. Daar drinken we een bakske en meestal een koude alcoholvrije leffe blond en we eten iets tussen de middag. Voor José komt dat meestal neer op een wafel met poedersuiker en voor mij ofwel een broodje bal uit de jus ofwel een broodje gebakken spek. Dat vind ik nu eenmaal lekker! Daarna gaan we weer op ons gemak huiswaarts. Meestal door het mastbos.

Te warm om meer te schrijven deze week. Volgende week misschien beter!

(Bron: familiearchief f. van son).




 

zaterdag 8 augustus 2026

Over Robyn, Katharina en klaprozen.....

Gisteren was onze kleindochter Robyn jarig. We vieren het later deze maand, zo is afgesproken. Maar we werden toch op haar verjaardag al uitgenodigd om gezellig mee te komen barbecueën. Dat laten we ons natuurlijk niet twee keer zeggen. Het werd gisteren erg gezellig met Robyn die 13 werd en haar broertje Luuk. Op de speciale ‘plancha-bbq’ wat eigenlijk ‘van de plaat’ inhoudt, toonde Pieter zich een meester-pyromaan met zowel vis als vlees. Hij en Tara hadden prima gezorgd. We hadden het weer mee en in de tuin kon heerlijk worden gerelaxt tot in de avond. Voldaan van zoveel gezelligheid togen José en ik moe huiswaarts. Joël was nog aan het werk, maar Luuk liet zich van zijn liefste kant zien. Hij wilde graag tussen ons in zitten en liet weten dat hij ons gemist had, de schat. We maakten kennis met Bueno, het prachtige konijn van Robyn, die blij was met haar cadeautje. Zij heeft er inmiddels haar vakantie in Zeeland bij haar vriendinnetje weer op zitten en gaat er welgemoed komend schooljaar weer flink tegenaan. Als haar cijfers dan weer zo goed zijn als het eerste jaar middelbare, dan hebben zij en ook haar ouders zeker niet te klagen.

En die Katharina?

Weer eens een keer een uitstapje naar mijn genealogisch onderzoek.

Is ‘die zon’ waarmee in 1593 de Alphense schepen Symon van Son zegelde, een wapen dat afkomstig is van de Bossche familie Van Son, waaruit Katharina Jans van Zonne stamt. Op geneanet worden haar exacte geboorte- en sterfdata genoemd: geboren 24 juli 1339 - Tilburg; overleden 12 december 1416 - Tilburg. Voor wat die data waard zijn.

Van geen van de andere Tilburgse Van Sons werd een zegel gevonden. Er is niet met zekerheid te zeggen dat ‘de zon’ vanouds in het wapen werd gevoerd en dan afkomstig zou zijn van Jan van Zon, die volgens natte vingerwerk van een ‘onderzoeker’ zonder bron met Pieternella Maas getrouwd zou zijn. Hun dochter Katharina trouwde met Henric van Broechoven. Toch vindt de schrijver van de zevendelige serie over het Geslacht van Son, H.J.A. van Son, een aanwijzing in de zegels van Gerlach en Tielman van Son, schepenen van 's-Hertogenbosch respectievelijk in 1331 en 1334, die beide zegelen met drie zonnen, waarvan één is bedekt door een vrijkwartier beladen met een vierblad. Het familieverband tussen hen en Jan van Zon, die in de 14e eeuw gegoed was in Udenhout, is volgens H.J.A. van Son niet meer aan te wijzen. Maar dat was bijna een eeuw geleden. Uiteraard kan ik het niet nalaten zelf verder op onderzoek uit te gaan.

Zoon Jan

Henricus de Broechoven en Katharina Jans de Zonne kregen kinderen, maar slechts één van hen noemden zij Van Zonne. De overigen kregen de naam de Broechoven. "Johannes de Zonne, filii Henricus de Broechoven". Henric van Broekhoven noemde één van zijn zonen Jan, dus van Zon. Volgens HJA van Zon 'naar de vader van zijn vrouw'. Met hem begint in feite ons geslacht, waarin de naam Van Zon of Van Son bij alle leden voorkomt en daarom geslachtsnaam kan worden genoemd. Voor mij belangrijk dus. Waarom zou Henric zijn zoon Van Son genoemd hebben? Het kan betekenen dat het om een zoon gaat uit een eerder huwelijk, die de naam van moeder meekreeg. Dat gebeurde ook met kinderen die voor het huwelijk of heel kort daarna werden geboren. Hij kan ook vernoemd zijn naar de vader van moederskant, de schoonvader van Henricus dus, zoals H.J.A. van Son aanneemt.

En Eva dan

Complicerende factor is wel, dat bij het Centraal Bureau voor genealogie in Den Haag  sprake is van een E. van Son als echtgenote van Henricus van Broechoven. Heette zij Eva?  Je kan begrijpen, dat ik er niet zo maar uit ben, maar er liggen zeker lijntjes met de Bossche familie. De in een akte omschreven naam van de opa van Catharina Jan van Zonne, Johannes St(r)oetman of Stootman, zou slaan op de opa van Katharina en dus de vader van haar vader Jan. Die man was Jan ‘Stooters’ van Zonne, getrouwd met Elisabeth Stooters.

Speurwerk

Er zijn bij even doorspeuren nog wel een paar akten of inschrijvingen die van belang kunnen zijn bij verder onderzoek. Zo hebben we Johann van Zonne die bezit had: “een huis ende II hoeven lands gheleghen in Udenhout die hi vercreegh teghen Arnoude Bollarde. [... est officio de Oesterwijc]. Het leeregister Latijnsboek is een copie uit de tweede helft van de 14-de eeuw van het oudste bewaard gebleven Brabantse leenregister, 'Oude boke', het z.g. Casselboek, dat aanvangt in 1312 en doorloopt tot ca 1352. In het Stootboek uit 1355: 44. (Jhan van Sonne ij hoeven gheleghen in Udenhoud die waren wilen heren Raessen Mulards [dit heeft vercreghen Ghielys Wouters soene van Goerle]).

Er is nog een inschrijving en wel in het Spechtboek. Die Arnde Bollarde komt ook in een andere akte weer voor : Spechtboek: Henric van Zonne Geerlex zoen, hout i goet tot Gheesele gelegen tussche Haren ende Helvoirt mit sijnen toebehoirten. Ende steet op Arnde Bollarde in doude boke met i goide tot Schijnle dat Reynere Willems zoen cocht jegen den voirs. Henric van Zonne mer van desen goide van Ghesele heeft Henric noch vercocht Janne Rolof Rovers zoen vanderacken iij buenre beemde [Wouter Vuchts bij coepe tegen Claese Loenman gedaen anno 1445 Claes Loenman bij coepe tsegen Aerde ondergescr. anno 1443 Arnt van Vladeracken bij doode Gheertruden ondergescr. anno 1443] Gheertruit dochter was Jans Roelofs Roevers van Vladeracken Jan Rolof Roevers soen van Vladeracken houdt iij buenre bwemde in enen stuc liggende tot Belver (Beuleur) bynnen der prochien van Haren die hem Henric van Zonne vercocht ende sijn ghespleten vten goide van Gheesele [vacat]. Als ik tijd van leven heb, dan kom ik er hopelijk wel uit. Ik houd je op de hoogte. Als jij al meer weet, houd ik me aanbevolen uiteraard.

Klaprozen

José had even bij ons willen bijpraten met onze schildervrienden  dit weekend. Maar zij zag het liever uitgesteld tot het einde van deze maand. Haar aanhoudende duizeligheid is daarvan de reden. Ondanks de voorgeschreven medicatie van de huisarts is het nog geen steek verbeterd. Het blijft daarom aanmodderen voor haar en voor mij. Erg vermoeiend en vooral vervelend. Daarom gaat ook het onder het genot van een drankje gezellig bijpraten van ‘de klaprozen’ noodgedwongen naar zondag de 30e.

(Bronnen: familiearchief f. van son; H.J.A. van Son, 'Geschiedenis en Genealogie van het geslacht van Son eertijds geheeten van Broechoven': blz.37 ; taxandria 1905, blz. 47 idem. 1917 blz. ; 243https://gw.geneanet.org/randwijk?n=van+son&oc=&p=catharina+janshttps://gw.geneanet.org/randwijk?n=van+son&oc=&p=catharina+jans;  ; Plaatsingslijst familiearchief Bac, nr.FA 8, Centraal Bureau voor Genealogie (CBG) te Den Haag: http://www.knggw.nl/wp-content/uploads/2013/01/KNGGW-Plaatsingslijst-familiearchief-Bac-nr.-FA-8.pdf ;  CBG: 14. Omslag (IIa) betreft Henricus de Broechoven, +v1411, zoon van Gerardus de Broechoven en E. van Zonne en hun nageslacht (2e helft 14e/1e helft 15e eeuw).

 




zaterdag 1 augustus 2026

Wie schrijft...... en hallo Lars!

Je kent zonder twijfel ons Nederlands gezegde ‘wie schrijft, die blijft’ . Het betekent zoiets als schrijvers en denkers worden herinnerd door hun boeken en geschriften, lang nadat ze zijn overleden. Ik neem het liever nog wat letterlijker. Wie schrijft, die blijft. Zo lang ik kan schrijven, ben ik er nog. En dat houd ik in gedachten, elke keer als ik werk aan artikelen voor weekblad De Langstraat. Ik schrijf voor dat blad nu al sinds 2018 geloof ik. Elke week een ‘eigen’ pagina over bestuur en politiek in mijn woongemeente. Soms is het best moeilijk om onderwerpen te verzamelen

voor die pagina, maar meestal kan ik ruim voldoende putten uit de vergaderkalender van de gemeente en uit mijn vele bronnen.

Ik schrijf graag. Doe dat al sinds mijn jeugd, toen ik helemaal bezeten was van ruimtevaart en medewerker was van de volkssterrenwacht Simon Stevin in Hoeven, inmiddels ter ziele. Ik heb toen een eigen boekje ‘Ruimtestof’ geschreven, waarin de geschiedenis van de al dan niet bemande ruimtevaart is beschreven. Even later schreef ik over de midden oosten-problematiek en de rol daarin van de grote mogendheden en de VN. Door al het zoekwerk raakte ik bij alle onderwerpen waarover ik schreef, behoorlijk ingevoerd over oorzaken en gevolgen. Ik schreef vrolijk verder. Zoals een wandelkaart voor staatsbosbeheer over het Mastbos in Breda en in mijn normale werk in de communicatie over diverse onderwerpen.  Uit mijn hobby en onderzoekswerk naar de herkomst van mijn familie, schreef ik ook een boek over negen eeuwen Geschiedenis en genealogie van de Brabantse familie Van Son. Het tweede boek is bijna klaar, moet alleen nog onder mijn eindredactie en kan dan gedrukt worden. Schrijven is mijn lust en mijn leven. Het kon natuurlijk ook niet anders, dan dat ik als jonge gast solliciteerde bij Dagblad de Stem, toen nog een regionale krant bij overtuiging. Ik werd er correspondent van de stadsredactie bij Gerard van Herpen. Vervolgens op de provincieredactie bij Joop Bartman, Frans de Ligt en Hans Lutz. Daarna mocht ik lid worden van Team Oosterhout en verhuisde ik naar de Arendstraat, waar de Stem toen een kantoor had. Gelukkig heb ik uit die mooie tijd nog een aantal foto’s. Ik doe er een paar hierbij.  In de Arendstraat was mijn werkplek en mijn rayon was het land van Altena, gemeente Dussen, Made, Hooge en Lage Zwaluwe, Raamsdonk en Geertruidenberg. Toch gek dat mijn laatste werkplek dan ook nog de gemeente Geertruidenberg was.

Ik bleef in de Arendstraat, totdat ik overstapte naar de overheidscommunicatie bij de gemeente Apeldoorn. Ik haalde daar mijn communicatiediploma’s en zette later in Oisterwijk bij de gemeente de hele communicatie op en vertrok naar Geertruidenberg voordat ik overstapte, nog eens studeerde en leraar werd aan het Dongemond college. Toen ik na mijn pensionering als leraar thuis kwam, heb ik De Langstraat gebeld en gezegd dat ik wel een pagina wekelijks wilde schrijven. Dat doe ik nu nog en de cirkel is daarmee wat mij betreft rond. Ik hoop het nog een tijdje te kunnen doen, want, zoals ik al schreef, schrijven is mijn lust en mijn leven. En wie schrijft, die blijft……

Welkom Lars!

We werden deze week verblijd met een geboortekaartje. Een nieuwe telg voor ons geslacht Van Son. Stefan, (zoon van mijn overleden broer Marco en Dineke) en zijn vrouw Alicia meldden ons de geboorte van hun tweede zoon: Lars, broertje van Tim. ‘Samen stoeien, samen spelen, alles afpakken, samen delen. Het hoort er allemaal bij. Welkom lief broertje van mij’,

zo laat Tim op het geboortekaartje weten. Lars werd geboren op 17 juli ’s morgens heel vroeg, woog 3480 gram en mat 51 cm. Wordt vast en zeker een harde werker, zoals zijn papa en opa. Gefeliciteerd!

(Bron: familiearchief f. van son).  






 

zaterdag 25 juli 2026

Het zit er bijna op….

De kinderen zijn dezer dagen allemaal al thuis of werken de laatste vakantiedagen af. Gelukkig heeft niemand met bosbranden te maken gehad. Niet in Spanje, niet in Frankrijk en evenmin op Terschelling of in Kroatië. Want dat waren de reisdoelen. De een reisde van regio naar regio in Frankrijk, de ander genoot op een terrassencamping in Spanje, een bleef in eigen land op Terschelling en het andere gezin ging naar Kroatië. Dan mis je er nog een natuurlijk. Die houdt het dit jaar bij dagtrips, want zij hebben andere prioriteiten gesteld. Vakantie dus met natuur, rust, een snuifje cultuur en sport en vooral genieten, ook culinair. Maar ik vind het fijn dat ze zo goed als allemaal weer veilig thuis zijn. Ik plaatste enkele vanuit de vakantieoorden toegestuurde foto's. Je zou zo terug willen....

Jammer

Ondanks alle pogingen tot verbetering, is de gezondheidstoestand van José onveranderd. Het blijft aanmodderen dankzij duizeligheid en algehele malaise. Hopelijk gaat de medicatie aanslaan, die we van de huisarts kregen.

Weinig

Er is ook bij ons weinig nieuws. Dat is zo in de vakantieperiode. Als de kleinkinderen weer naar school moeten, verandert er een en ander. Zo gaat een kleindochter naar de examenklas op het middelbare; gaat de andere bekijken welke richting ze eigenlijk uit wil en gaat Youri bij voorbeeld voor het eerst naar de middelbare school, terwijl Cas naar het afsluitende basisschooljaar overstapt. Youri komt op de maandag tussen de middag niet meer lunchen bij oma, want dat kan niet meer als je op school moet blijven. Dat betekent dat alleen de twee broers, Cas en Sem, nog zullen komen.

Ik hou het allemaal graag een klein beetje bij. Zij zijn stuk voor stuk in mij geïnteresseerd en ik in hun. Ik zou het haast vergeten. Er begint ook een nieuwe periode voor onze tweede dochter. Zij begint na een periode van gezondheidsperikelen aan een nieuwe baan. Dat gaat haar ook weer lukken. Ze solliciteerde en het was meteen raak. Dat zijn we van haar zo langzamerhand gewend geraakt. Bij ons staan elke week nog wel een of soms meer medische bezoekjes in onze agenda. Soms een belcontrole vanuit het Amphia en natuurlijk ook wekelijks meestal twee keer fysio voor mij. Dat houdt me in de running, zal ik maar zeggen.

Nu rest nog een korte vakantieperiode, waarin je leuke dingen kan doen en dan neemt het normale leventje weer zijn gang. Ik heb er eigenlijk ook wel weer zin in, al is mijn grootste wens dat de ellende van José wat draaglijker wordt.

(Bron: familiearchief f. van son)