Dit weekendbericht eens niet over de gezondheid van ons
gezin. We staan op de drempel van 2025. Geen jongens die maandag komen lunchen,
want het is vakantie. Komende maandag 30 december staan we stil bij het
overlijden van mijn broer vorig jaar op die dag. Dit weekendbericht gaat over
Nieuwjaar en nieuwjaarsgebruiken. Algemeen
bekend is, dat de oorsprong en de verhalen van Kerstmis en Pasen bij steeds
minder mensen een lampje doen branden. Hoe staat dat met Nieuwjaar? Het wordt
door velen gekoppeld aan vuurwerk en oud op nieuw viering. Maar wat weten wij
eigenlijk echt over Nieuwjaar? In elk
geval dat de ‘spoedeisende hulp’ in ziekenhuizen overuren maakt; dat onze
hulpverleners gehinderd en vaak nog gemolesteerd worden door vaak volgezopen of
doorgesnoven randdebielen, met het IQ van een stoeptegel. Maar de meeste mensen
zijn normaal, al neemt het aantal dat normen en waarden in zijn vaandel heeft,
toch zienderogen af. Zo nog even gal gespuwd!
Niet altijd
Het oud-en-nieuw feest vindt zijn oorsprong in tradities
van 4000 jaar geleden. Door de geschiedenis heen vierden veel verschillende
volkeren en culturen het einde van het ene jaar en het begin van het volgende.
Het intreden van een nieuw jaar werd veelal gekoppeld aan een vruchtbare
periode. Zo begon het nieuwe jaar bij de Babyloniërs en Romeinen bij het begin
van de lente, en bij de Egyptenaren op het moment dat de Nijl voor het eerst
buiten zijn oevers trad. Babyloniërs vierden hun feest door een slaaf tijdelijk
op de koningstroon te zetten, om hem vervolgens te offeren. Zij geloofden
namelijk dat alle goden het op hun koning gemunt zouden hebben met nieuwjaar,
dus vervingen zij hem tijdelijk. Romeinen vierden het feest door te offeren aan
de god Janus (naar wie januari genoemd is), en de heidense Germanen vierden het
feest met grote vuren, dierenoffers en veel eten en drinken.
In het hedendaagse oud-en-nieuw feest zijn nog veel
sporen te vinden van de viering van de Germanen. Zo kan men de traditie van
onze oud-en-nieuw gerechten baseren op de Germaanse traditie van het verdrijven
van demonen. De Germanen waren bang voor demonen waardoor zij dieren offerden,
en die vervolgens op aten. Volgens de Germaanse traditie ging dit ook gepaard
met het nuttigen van veel alcoholische dranken. Dat overmatig drinken hebben velen
in Nederland kennelijk overgenomen.
Vóór de jaartelling
Julius Caesar stelde in 46 voor Christus vast dat 1
januari voortaan het begin van elk nieuw jaar was, in plaats van het (elk jaar
verschillende) begin van de lente. Bij Caesar is dus de westerse traditie
ontstaan die wij nog steeds vieren. Een obstakel voor deze traditie was de kerk
die zich afzette tegen de heidense Nieuwjaars rituelen. In onze streken werd nieuwjaar niet altijd op
1 januari gevierd. In het midden van de 16de eeuw begon Nieuwjaar in
verschillende streken op een andere datum: op 1 maart, op Pasen, op kerstdag óf
op 1 januari. In 1563 besliste de Franse koning Karel IX dat 1 januari voortaan
nieuwjaarsdag zou zijn. Op 16 juni 1575 nam Luis de Requesens y Zúñiga dezelfde
beslissing voor de Zuidelijke Nederlanden. Na de invoering van de gregoriaanse
kalender in 1582 haalde 1 januari het als nieuwjaardag in steeds meer landen in
Europa en daarna de wereld (met vandaag nog steeds als grote uitzondering het
Chinese en ook het Joodse nieuwjaar). Oorspronkelijk werd in sommige streken
acht dagen na Kerstmis de besnijdenis van Christus herdacht, maar hieraan wordt
al lange tijd geen aandacht meer geschonken. Nieuwjaar is geen uitsluitend
christelijk feest, want alle levensbeschouwingen vieren de overgang van oud
naar nieuw.
Oudejaarsavond
De overgang van oud naar nieuw begint op oudejaarsavond.
Sommigen spreken van Silvesteravond, naar de gelijknamige paus uit de vierde
eeuw. De heiligverklaarde paus wordt door katholieken immers op 31 december
gevierd, wat tevens ook zijn sterfdag is. Dan wordt in Sao Paula de beroemde
Sylvesterloop gelopen. Bij ons luisterden wij vroeger op de radio of keken we
later op TV massaal naar de oudejaarsavondconference. Als we de lange avond als
kind konden halen, dan mochten we ’s nachts om twaalf uur sterretjes aansteken.
Echt vuurwerk was er niet bij. Dat vonden we zonde van het geld. Nu is dat veelal overgenomen door gezellig
samenzijn met een drankje en een hapje. Veel mensen gaan na middernacht de
straat op vuurwerk te bewonderen of steken zelf, -niet altijd zonder risico-,
vuurwerkpijlen maar ook zwaar vuurwerk af. Een aantal mensen viert tot in de
kleine uurtjes.
Gelukswijn
Wanneer het bijna middernacht is, wordt er thuis of
elders afgeteld naar het nieuwe jaar, al dan niet met de top 2000, tijdens een
festival of optreden of met familie of vrienden en geklonken met champagne, die
wordt gezien als een gelukswijn. De laatste jaren zijn de Spaanse en Italiaanse
varianten (cava en prosecco) aan een opmars bezig. Over waarom mensen klinken
met glazen bestaan verschillende theorieën. Volgens sommigen klinken we omdat
dat de boze geesten zou verjagen. Anderen beweren dan weer dat de gewoonte een
voorzorgsmaatregel uit de middeleeuwen is. Om er zeker van te zijn dat de
aangeboden drank geen gif bevatte, tikte men de bekers vrij hard tegen elkaar.
Daardoor spatte de wijn op en vermengden de dranken zich met elkaar. Als één
van de partijen daarna niet dronk, wekte dat argwaan op. Vandaag de dag is het
klinken van de glazen eerder een teken van genegenheid en goede wil, dan van
veiligheid en argwaan. Ook wordt dan ‘Nieuwjaar’ gewenst.
Vuurwerk
Ter ere van de jaarwisseling, maar in ergerlijke vorm ook
veel eerder, wordt tegenwoordig vuurwerk
afgestoken. Als kind kreeg ik vroeger ‘sterretjes’. Vroeger klonken
kanonschoten door de straten, maar via China is vuurwerk ook in onze contreien
populair geworden en heeft het de plaats ingenomen van de kanonschoten. In de
18de en 19de eeuw organiseerde de adel af en toe vuurwerkspektakels tijdens
belangrijke feesten. Bij sommige gemeenten neemt een centrale vuurwerkshow het
uitgebreide afsteken in elke straat langzaam over, al blijven er diehards. Jaarlijks
belanden er heel wat mensen op de spoedeisende hulp met oogletsel, brandwonden
op hun gezicht, handen of vingers of erger, -vaak na cobra-geweld- in ziekenhuizen.
Veiligheidscampagnes zijn steevast
onderdeel van de eindejaarsperiode. Maar verbieden past niet in Nederland, zo
vindt men. Ik denk daar anders over! Veel mensen vinden het een sport om naar
anderen te gooien, of zich totaal niet te houden aan de afsteektijden, waardoor
ze je soms de stuipen op het lijft jagen. Nee. Ik heb niets tegen vaders of
moeders die speciaal voor hun kinderen, vaak getooid met veiligheidsbril,
vuurwerk afsteken. Er komt vaak protest uit de hoek van huisdiereneigenaars en
mensen begaan met dierenwelzijn. De dieren schrikken van het vele en harde
geluid en ervaren veel stress. Onze gemeente kent een aantal vuurwerkvrije
zones.
Nieuwjaarsdag
Op nieuwjaarsdag komen families en vrienden bijeen om
gelukwensen over te brengen en goede voornemens te delen. Vóór of na Nieuwjaar
worden er, maar wel steeds minder, postkaarten verstuurd naar familie en
vrienden met daarop de mooiste nieuwjaarswensen. Kaarten met nieuwjaarswensen
worden soms ook kerstkaarten genoemd omdat ze vaak kerst- en eindejaarswensen
combineren. De allereerste commerciële kerstkaart (1843) wordt toegeschreven
aan de Britse tekenaar John Calcott Horsley. Die tekende een familie tijdens
het kerstdiner. Op de kaart stond ‘A Merry Christmas and a Happy New Year to
You’, een zin die nog steeds heel wat kerstkaarten siert. Vanuit
Groot-Brittannië waaide het gebruik over naar onze streken. De etiquetteregels
van de negentiende eeuw bepaalden dat men zijn naasten binnen de veertien dagen
na Nieuwjaar het beste moest toewensen. Die bezoeken werden in onze tijd langzaamaan
vervangen door schriftelijke wensen op een gedrukte postkaart en in onze tijd
gaat het steeds meer via de sociale media. Op oudejaarsavond worden er
wereldwijd zodanig veel sms’jes verstuurd, dat de verschillende netwerken
meestal overbelast raken.
Middeleeuwen
In de middeleeuwen al trokken nieuwjaarszangers van deur
tot deur om liedjes te zingen in ruil voor wat voedsel of geld. Oorspronkelijk
werd nieuwjaarszingen enkel gedaan door minderbedeelde volwassenen. Ondertussen
is deze traditie -vooral in België- , veranderd en wordt vooral gezongen voor
het plezier. Het zijn meestal kinderen, en soms ook jongeren, die tegenwoordig
de dag vóór Nieuwjaar van deur tot deur trekken om nieuwjaarsliedjes te zingen
in ruil voor snoepgoed, fruit of wat geld. Er wordt daar dan dikwijls gezongen:
'Nieuwjaarke zoete, ons varken heeft vier voeten, vier voeten en een staart, is
dat nu geen centje waard?' Wanneer de deur niet wordt geopend, zingen de
kinderen: 'Hoog huis, laag huis, er zit een gierige pin in huis!' . Onder
andere in de provincie Antwerpen gaan vele kinderen nog jaarlijks nieuwjaars-
of koekenzingen. In de voormiddag van oudejaarsdag 31 december trekken kinderen
in Galmaarden, Tollembeek en Vollezele van huis tot huis om hun ‘Godsdeel’ te
vragen. De kinderen zijn meestal tussen 6 en 12 jaar oud en worden ‘Gosjdieëlers’
genoemd. Ze bellen aan en begroeten de bewoner met een vrolijke en luide
‘gosjdieël’. Als beloning geeft de bewoner de Gosjdieëlers enkele euro’s. Dat
geld verzamelen de kinderen naar aloude gewoonte in een washandje. In andere
provincies en ook in ons land trekken kinderen er pas op 6 januari op uit om
dan Driekoningen te zingen. Zo rond de Kerst en Oud op Nieuw komt ook de
krantenbezorger aan de deur om ‘Nieuwjaar’ te wensen, in de hoop een klein
bedrag te krijgen. In veel landen worden traditioneel in deze periode verschillende
nieuwjaarsconcerten georganiseerd. Het jaarlijks nieuwjaarsconcert van de
Wiener Philharmoniker in Wenen dat in vele landen wordt uitgezonden, is één van
de bekendste.
Spiegel kijken
De overgang van oud naar nieuw wordt ook beschouwd als
een ideaal moment om te reflecteren over het voorbije jaar en om goede
voornemens te maken voor het nieuwe jaar. Tegenwoordig zijn de klassiekers
onder meer stoppen met roken, gezonder leven en meer sporten. Velen slagen er
echter niet in om hun goede voornemens vol te houden. Op de derde maandag van
januari valt zogezegd ‘blauwe maandag’ of ‘blue Monday’, de dag van het jaar
waarop de meeste mensen zich triest, neerslachtig of weemoedig voelen. De Britse
psycholoog Cliff Arnell had daarvoor een ‘wetenschappelijke’ formule uitgewerkt:
in de derde week van januari realiseren we ons onder meer, dat onze kersverse
goede voornemens al in rook zijn opgegaan. We zouden ook in een dipje zitten na
de eindejaarsfeesten. Bovendien hebben we nog niet meteen uitzicht op de
volgende vakantie in de zon. Volgens pyschiater Koen Demyttenaere (KU Leuven)
is de theorie van Arnell een stunt. De Britse touroperator Sky Travel betaalde
Arnell voor zijn ‘blue Monday’-theorie. Eind januari begon de promocampagne
voor het zomerseizoen in de reissector.
Traditionele lekkernijen
Bij ons worden oliebollen en appelbeignets gebakken en kleine
hapjes gemaakt voor de jaarovergang. In de Belgische provincie West-Vlaanderen
worden tijdens de nieuwjaarsperiode ‘lukken’ gebakken. Lukken zijn harde
suikerwafeltjes die in een speciaal lukkenijzer worden gebakken. In alle
provincies bij onze zuiderburen worden bovendien dikwijls gewone wafels of
pannenkoeken gebakken, afhankelijk van de lokale of familietradities. Ook
typisch voor de nieuwjaarsperiode daar, zijn de hartvormige peper- of lekkerkoeken.
Deze peperkoeken worden versierd met chocolade of met suikerglazuur en het zijn
meestal de grootouders die zo’n koek schenken aan hun kleinkinderen, of
andersom. Dat de peperkoek in de vorm van een hart wordt gemaakt, heeft te
maken met de symboliek ervan: een hart symboliseert namelijk het leven. Ook
worden er in sommige streken nieuwjaarsspekken of ‘nieuwjaarkes’ uitgedeeld.
Dit zijn ruitvormige harde snoepjes met een rode kleur en witte stippen die
overwegend een anijssmaak hebben.
Ludiek
Na Nieuwjaar organiseren vele bedrijven, gemeenten, verenigingen en instellingen hun
nieuwjaarsrecepties. Maar het hoogtepunt is de in toenemende mate populaire nieuwjaarsduik,
traditioneel liefst op Nieuwjaarsdag. Dan trotseren velen even het koude
Noordzeewater om de kater van de eindejaarsfeesten te bevriezen en het nieuwe
jaar gezond in te zetten. Sommigen onder hen zijn getooid in de gekste kostuums
wanneer ze zich in de Noordzee wagen. Na de duik kunnen de koukleumen zich
opwarmen aan een jenevertje of een kop soep en natuurlijk worden er ook heel
wat nieuwjaarswensen uitgewisseld. De overlevering zegt dat de eerste
nieuwjaarsduik in Nederland werd genomen in 1959. De jaarlijkse nieuwjaarsduik
in zee bij Scheveningen is intussen wereldvermaard en trekt enthousiastelingen uit
binnen- en buitenland aan. In de Italiaanse hoofdstad Rome, zijn er echte
waaghalzen: slechts een handvol duikers durft het aan om van een 17 meter hoge
brug in het ijskoude water van de Tiber te springen. Deze Italiaanse duik is al
sinds 1946 een traditie en heeft jaarlijks heel wat bekijks.
Vuur
In kijkdui steken ze pallets in brand maar om het oude
jaar definitief vaarwel te zeggen, worden in de loop van januari, meestal rond
Driekoningen, kerstbomen ingezameld om te verbranden. Die verbranding trekt
veel bekijks, ondanks dat milieufanaten ook hier weer wat op aan te merken
hebben. Velen zien het als het vieren dat
de dagen gaan lengen met het licht dat afkomstig is van de verbranding. Ook
hiermee werd oorspronkelijk geprobeerd de slechte geesten te verdrijven.
Bovendien zou het ongeluk brengen om na Nieuwjaar nog kerstgroen in huis te hebben,
daarom moet het allemaal worden verbrand. Prettige jaarwisseling gewenst!
(Bron: https://histories.be/ritueel/oudejaarsavond-en-nieuwjaar/;
familiearchief f. van son; https://isgeschiedenis.nl/nieuws/geschiedenis-van-oud-en-nieuw).